Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBDHA:2017:14927 ECLI:NL:RBDHA:2017:14927 AI generated

ECLI:NL:RBDHA:2017:14927 · Rechtbank Den Haag

Case Number ECLI:NL:RBDHA:2017:14927
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Rechtbank DEN HAAG Strafrecht Parketnummer: 09/767279-16 Kenmerk RK: 17/3421 Beslissing van de rechtbank Den Haag, enkelvoudige raadkamer in strafzaken, op het verzoek ex artikel 591a van het Wetboek van Strafvordering (Sv) van: de erfgenamen van [naam] , geboren op [geboortedatum] te Den Haag, te dezer zake domicilie kiezende te [adres] , [adres] , ten kantore van advocaat mr. J.Y. Taekema, ingekomen op de griffie van deze rechtbank op 16 augustus 2017, strekkende tot een vergoeding ten laste van de Staat van de kosten van een bedrag van in totaal € 280,- dan wel € 550,- in verband met de kosten van het indienen en behandelen van het verzoek ex artikel 89 Sv en onderhavig verzoek.

Legislator headnote

AI generated

artikel 591a van het Wetboek van Strafvordering, artikel 89 Sv; ECLI:NL:RBDHA:2017:14927 · Rechtbank Den Haag: J.Y. Taekema, ingekomen op de griffie van deze rechtbank op 16 augustus 2017, strekkende tot een vergoeding ten laste van de Staat van de kosten van een bedrag van in totaal € 280,- dan wel € 550,- in verband met de kosten van het indienen en behandelen van het verzoek ex artikel 89 Sv en onderhavig verzoek.

Keywords

AI generated
liability for costs defense costs party costs of attorney costs of expert opinion administrative costs legal representation costs

Cited Legislation

AI generated
artikel 591a van het Wetboek van Strafvordering
artikel 89 Sv
Taekema, ingekomen op de griffie van deze rechtbank op 16 augustus 2017, strekkende tot een vergoeding ten laste van de Staat van de kosten van een bedrag van in totaal € 280,- dan wel € 550,- in verband met de kosten van het indienen en behandelen van het verzoek ex artikel 89 Sv en onderhavig verzoek.
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

Rechtbank DEN HAAG Strafrecht Parketnummer: 09/767279-16 Kenmerk RK: 17/3421 Beslissing van de rechtbank Den Haag, enkelvoudige raadkamer in strafzaken, op het verzoek ex artikel 591a van het Wetboek van Strafvordering (Sv) van: de erfgenamen van [naam] , geboren op [geboortedatum] te Den Haag, te dezer zake domicilie kiezende te [adres] , [adres] , ten kantore van advocaat mr. J.Y. Taekema, ingekomen op de griffie van deze rechtbank op 16 augustus 2017, strekkende tot een vergoeding ten laste van de Staat van de kosten van een bedrag van in totaal € 280,- dan wel € 550,- in verband met de kosten van het indienen en behandelen van het verzoek ex artikel 89 Sv en onderhavig verzoek.

De rechtbank heeft kennisgenomen van het strafdossier met bovengenoemd parketnummer. De rechtbank heeft dit verzoek op 12 december 2017 in raadkamer behandeld. Verzoekers zijn – hoewel daartoe behoorlijk opgeroepen – niet in raadkamer verschenen; wel aanwezig was hun raadsvrouw mr. A.L. Pöll, advocaat te Den Haag. De officier van justitie heeft in raadkamer geconcludeerd tot afwijzing van het verzoek, nu het verzoek ex artikel 89 Sv ten onrechte zou zijn ingediend. Beoordeling van het verzoek. De strafzaak tegen [naam] is geëindigd door een inmiddels onherroepelijk vonnis van de meervoudige strafkamer van deze rechtbank van 12 mei 2017, waarbij het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk is verklaard in de vervolging.

De raadkamer van de rechtbank is bevoegd tot behandeling van het verzoek en het verzoek is tijdig ingekomen. Kosten verzoekschrift De rechtbank is van oordeel dat het niet zonder meer evident was dat het verzoek ex 89 Sv als ongegrond zou worden afgewezen – in welk geval het toekennen van een vergoeding uit de staatskas niet billijk zou zijn - en dat verzoekers dus de mogelijkheid moesten hebben om dit verzoek ter beoordeling voor te leggen aan de rechtbank. Dus hoewel bij beslissing van heden het verzoek ex artikel 89 Sv is afgewezen, is de rechtbank van oordeel dat er gronden van billijkheid bestaan om verzoekers voor de kosten van indiening en behandeling van het verzoek ex 89 Sv en bovengenoemd verzoek een vergoeding van € 280,- toe te kennen.

Beslissing. De rechtbank: - kent aan verzoekers toe ten laste van de Staat een bedrag van in totaal € 280,- (zegge: TWEEHONDERDTACHTIG euro) en bepaalt dat dit bedrag zal worden overgemaakt op rekeningnummer [rekeningnummer] [ten name van] te Den Haag o.v.v. Schadevergoeding [naam] 591(a) Sv, 09/767279-16. Aldus gedaan te Den Haag door mr. H.N. Pabbruwe, rechter, in tegenwoordigheid van mr. A.A.M. Doornekamp en M. van Haalem, griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 22 december 2017.