ECLI:NL:RBDHA:2017:12546 · Rechtbank Den Haag
Legislator summary
AI generatedRECHTBANK DEN HAAG Bestuursrecht zaaknummer: NL17.9961 uitspraak van de voorzieningenrechter van 30 oktober 2017 op het verzoek om een voorlopige voorziening in de zaak tussen [verzoeker], verzoeker, V-nummer [V-nummer] (gemachtigde: mr. M. Timmer), en de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, verweerder (gemachtigde: mr. L. Mol). Procesverloop Bij besluit van 2 oktober 2017 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijdals bedoeld in artikel 28 van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw 2000) in de algemene procedure afgewezen als kennelijk ongegrond.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:RBDHA:2017:12546 · Rechtbank Den Haag: M. Timmer), en de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, verweerder (gemachtigde: mr. L. Mol). Procesverloop Bij besluit van 2 oktober 2017 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijdals bedoeld in artikel 28 van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw 2000) in de algemene procedure afgewezen als kennelijk ongegrond.
Keywords
AI generatedRelated Decisions
AI generatedFull text
RECHTBANK DEN HAAG Bestuursrecht zaaknummer: NL17.9961 uitspraak van de voorzieningenrechter van 30 oktober 2017 op het verzoek om een voorlopige voorziening in de zaak tussen [verzoeker], verzoeker, V-nummer [V-nummer] (gemachtigde: mr. M. Timmer), en de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, verweerder (gemachtigde: mr. L. Mol). Procesverloop Bij besluit van 2 oktober 2017 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijdals bedoeld in artikel 28 van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw 2000) in de algemene procedure afgewezen als kennelijk ongegrond.
Tevens is aan verzoeker een inreisverbod voor de duur van twee jaar opgelegd. Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. Het onderzoek ter zitting heeft, tezamen met de behandeling van de zaak NL17.9960, plaatsgevonden op 24 oktober 2017. Verzoeker heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. Overwegingen 1. Verzoeker is geboren op [geboortedatum] 1986 en is Burger van Bangladesh.
2. Bij uitspraak van heden, in de procedure met zaaknummer NL17.9960, heeft de rechtbank het beroep van verzoeker ongegrond verklaard.
3. Nu op het beroep van verzoeker is beslist, is de voorzieningenrechter van oordeel dat het verzoek om een voorlopige voorziening moet worden afgewezen.
4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan door mr. drs. E.S.G. Jongeneel, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. J.C. de Grauw, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 30 oktober 2017. griffier voorzieningenrechter Afschrift verzonden of digitaal ter beschikking gesteld aan partijen op: RechtsmiddelTegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.