Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBAMS:2017:9849 ECLI:NL:RBAMS:2017:9849 AI generated

ECLI:NL:RBAMS:2017:9849 · Rechtbank Amsterdam

Case Number ECLI:NL:RBAMS:2017:9849
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK AMSTERDAM VERKORT VONNIS Parketnummer: 13/706549-17 Datum uitspraak: 7 december 2017 Verkort vonnis van de rechtbank Amsterdam, meervoudige strafkamer, in de strafzaak tegen [verdachte] , geboren te [geboorteplaats 1] (Marokko) op [geboorteplaats 2] 1979, ingeschreven in de Basisregistratie Personen op het adres [BRP-adres] .

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:RBAMS:2017:9849 · Rechtbank Amsterdam: RECHTBANK AMSTERDAM VERKORT VONNIS Parketnummer: 13/706549-17 Datum uitspraak: 7 december 2017 Verkort vonnis van de rechtbank Amsterdam, meervoudige strafkamer, in de strafzaak tegen [verdachte] , geboren te [geboorteplaats 1] (Marokko) op [geboorteplaats 2] 1979, ingeschreven in de Basisregistratie Personen op het adres [BRP-adres] .

Keywords

AI generated
origin of goods trade with non-member countries sale by sample production and delivery quotas thing outside commerce labelling and marketing
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK AMSTERDAM VERKORT VONNIS Parketnummer: 13/706549-17 Datum uitspraak: 7 december 2017 Verkort vonnis van de rechtbank Amsterdam, meervoudige strafkamer, in de strafzaak tegen [verdachte] , geboren te [geboorteplaats 1] (Marokko) op [geboorteplaats 2] 1979, ingeschreven in de Basisregistratie Personen op het adres [BRP-adres] .

1Het onderzoek ter terechtzitting

Dit verkort vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 7 december 2017. De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie, mr. H.H. Boersma, en van wat verdachte en zijn raadsman, mr. L.J.H. Kortz, naar voren hebben gebracht. 2Tenlastelegging Aan verdachte is ten laste gelegd dat hij op of omstreeks 30 augustus 2017 te Utrecht, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk heeft verkocht, afgeleverd, verstrekt, en/of vervoerd, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad, een hoeveelheid van (ongeveer) 2156,70 (1659 x 1,3) gram, in elk geval een hoeveelheid van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep, in elk geval een of meerdere middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst II. 3Voorvragen De dagvaarding is geldig, deze rechtbank is bevoegd tot kennisneming van het ten laste gelegde feit en de officier van justitie is ontvankelijk. Er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.

4Waardering van het bewijs

De rechtbank acht, met de officier van justitie en de raadsman, het ten laste gelegde niet bewezen. Verdachte wordt daarom vrijgesproken. 5Beslissing De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing. Verklaart het ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij. Dit vonnis is gewezen door mr. P.L.C.M. Ficq, voorzitter, mrs. R.A. Overbosch en L. Dolfing, rechters, in tegenwoordigheid van mr. S.C. van Klaveren, griffier. en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 7 december 2017.