Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBAMS:2016:8002 ECLI:NL:RBAMS:2016:8002 AI generated

ECLI:NL:RBAMS:2016:8002 · Rechtbank Amsterdam

Case Number ECLI:NL:RBAMS:2016:8002
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

vonnis RECHTBANK AMSTERDAM Afdeling privaatrecht zaaknummer: CV 15-21236 vonnis van: 28 november 2016 fno.: 178 vonnis van de kantonrechter I n z a k e de besloten vennootschap KPN B.V. gevestigd te ‘s-Gravenhage, eisende partij, gemachtigde: gerechtsdeurwaarder A. Lodder, t e g e n [gedaagde] , wonende te [woonplaats] , gedaagde partij, niet verschenen. VERDER VERLOOP VAN DE PROCEDURE Op 7 maart 2016 is een tussenvonnis gewezen. Ter uitvoering van dat tussenvonnis heeft eisende partij een akte genomen. Vervolgens is een datum voor vonnis bepaald.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:RBAMS:2016:8002 · Rechtbank Amsterdam: gevestigd te ‘s-Gravenhage, eisende partij, gemachtigde: gerechtsdeurwaarder A. Lodder, t e g e n [gedaagde] , wonende te [woonplaats] , gedaagde partij, niet verschenen. VERDER VERLOOP VAN DE PROCEDURE Op 7 maart 2016 is een tussenvonnis gewezen. Ter uitvoering van dat tussenvonnis heeft eisende partij een akte genomen. Vervolgens is een datum voor vonnis bepaald.

Keywords

AI generated
certain consumer contracts missing case documents unproven judicial bias defect of consent insufficiency of evidence partial claim
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

vonnis RECHTBANK AMSTERDAM Afdeling privaatrecht zaaknummer: CV 15-21236 vonnis van: 28 november 2016 fno.: 178 vonnis van de kantonrechter I n z a k e de besloten vennootschap KPN B.V. gevestigd te ‘s-Gravenhage, eisende partij, gemachtigde: gerechtsdeurwaarder A. Lodder, t e g e n [gedaagde] , wonende te [woonplaats] , gedaagde partij, niet verschenen. VERDER VERLOOP VAN DE PROCEDURE Op 7 maart 2016 is een tussenvonnis gewezen. Ter uitvoering van dat tussenvonnis heeft eisende partij een akte genomen. Vervolgens is een datum voor vonnis bepaald.

GRONDEN VAN DE BESLISSING In het in deze zaak gewezen tussenvonnis is geoordeeld dat op grond van de bij dagvaarding gestelde feiten gedaagde partij vermoed wordt consument te zijn. Gelet op dit rechtsvermoeden is aan eisende partij gelegenheid geboden om gegevens over te leggen en een toelichting te verschaffen op bedingen uit haar algemene voorwaarden, voor zover zij zich op die bedingen beroept. De eisende partij heeft bij akte verklaard dat de onderhavige overeenkomst een zakelijke overeenkomst is, wat betekent dat gedaagde partij geen consument is.

Met de enkele niet onderbouwde bewering dat er sprake is van een zakelijke overeenkomst heeft eisende partij het rechtsvermoeden dat gedaagde partij consument is niet afdoende weerlegd. Stukken die deze stelling zouden kunnen onderbouwen zijn niet overgelegd. Het betreft hier bovendien een stelling die bij dagvaarding niet is ingenomen en de akte waarin deze stelling alsnog wordt ingenomen is niet aan gedaagde betekend. Nu eisende partij het rechtsvermoeden dat gedaagde consument is onvoldoende heeft weersproken en de bij tussenvonnis gevraagde gegevens niet heeft verschaft wordt de vordering afgewezen.

BESLISSING De kantonrechter: wijst de vordering af; veroordeelt eisende partij in de proceskosten die aan de zijde van gedaagde partij tot op heden begroot worden op nihil; Aldus gewezen door mr. E. Pennink, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 28 november 2016 in tegenwoordigheid van de griffier.