Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBAMS:2015:3970 ECLI:NL:RBAMS:2015:3970 AI generated

ECLI:NL:RBAMS:2015:3970 · Rechtbank Amsterdam

Case Number ECLI:NL:RBAMS:2015:3970
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK AMSTERDAM AFDELING PRIVAATRECHT BESCHIKKING Klacht ex artikel 41a Wet Bopz Beschikking naar aanleiding van het op 16 februari 2015 ingediende verzoekschrift ex artikel 41 a van de Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen (Wet Bopz) van: [naam], geboren op [geboortedatum], wonende te [adres], verblijvende te [adres]. Het verzoekschrift strekt tot het verkrijgen van een beslissing als bedoeld in artikel 41 a van de Wet Bopz van de rechtbank over de klacht die verzoeker bij de klachtencommissie heeft ingediend en waarvan de klachtencommissie van GGZ inGeest, Arkin, AMC Psychiatrie en Sinai Centrum op 5 januari 2015, heeft geoordeeld dat de klacht ongegrond is.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:RBAMS:2015:3970 · Rechtbank Amsterdam: Verzoeker heeft er grote problemen mee te worden overgeplaatst naar de kliniek in Beilen. Hij is van mening dat dit niet een geschikte locatie voor hem is om daar gedwongen te worden opgenomen. Desgevraagd heeft de advocaat van betrokkene, mr. F.M.M.M. Vogels, bij schrijven van 9 maart 2015 toegelicht waarom volgens hem de klacht van verzoeker een klacht is zoals genoemd in artikel 41 Wet Bopz waarover in beroep kan worden geklaagd. De advocaat stelt dat de overplaatsing naar Beilen een duidelijk gedwongen karakter heeft en dat verzoeker hieraan beslist niet wil meewerken.

Keywords

AI generated
choice of hospital declining of jurisdiction expulsion despite health conditions decisions concerning reassignment or transfer withdrawal of legal petition right to remain
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK AMSTERDAM AFDELING PRIVAATRECHT BESCHIKKING Klacht ex artikel 41a Wet Bopz Beschikking naar aanleiding van het op 16 februari 2015 ingediende verzoekschrift ex artikel 41 a van de Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen (Wet Bopz) van: [naam], geboren op [geboortedatum], wonende te [adres], verblijvende te [adres]. Het verzoekschrift strekt tot het verkrijgen van een beslissing als bedoeld in artikel 41 a van de Wet Bopz van de rechtbank over de klacht die verzoeker bij de klachtencommissie heeft ingediend en waarvan de klachtencommissie van GGZ inGeest, Arkin, AMC Psychiatrie en Sinai Centrum op 5 januari 2015, heeft geoordeeld dat de klacht ongegrond is.

Verloop van de procedure: Betrokkene verblijft in de kliniek van [kliniek], locatie [locatie], afdeling [afdeling] op grond van een machtiging tot voortgezet verblijf welke door deze rechtbank is verleend op 13 februari 2015. Op 26 mei 2014 is tijdens een behandelplanbespreking de optie tot overplaatsing naar Duurzaam Verblijf Beilen (hierna Beilen) met verzoeker en zijn ouders besproken. Verzoeker is eind oktober aangemeld bij Beilen. Vervolgens is verzoeker op 5 december 2014 geïnformeerd dat hij voor opname en behandeling in Beilen werd geaccepteerd.

Bij brief van 8 december 2014 gericht aan de klachtencommissie heeft verzoeker een klacht ingediend tegen de voorgenomen overplaatsing naar Beilen omdat hij het leven wil leiden zoals hij het wil, geen abstinentie van middelen wil en dat hij in Amsterdam wil blijven. Bij beslissing van 5 januari 2015 heeft de klachtencommissie van GGZ inGeest, AMC Psychiatrie en Sinai Centrum de klacht van betrokkene ongegrond verklaard. Verzoek Verzoeker heeft - samengevat - verzocht de beslissing van de klachtencommissie te vernietigen en de klacht alsnog gegrond te verklaren.

Verzoeker heeft er grote problemen mee te worden overgeplaatst naar de kliniek in Beilen. Hij is van mening dat dit niet een geschikte locatie voor hem is om daar gedwongen te worden opgenomen. Desgevraagd heeft de advocaat van betrokkene, mr. F.M.M.M. Vogels, bij schrijven van 9 maart 2015 toegelicht waarom volgens hem de klacht van verzoeker een klacht is zoals genoemd in artikel 41 Wet Bopz waarover in beroep kan worden geklaagd. De advocaat stelt dat de overplaatsing naar Beilen een duidelijk gedwongen karakter heeft en dat verzoeker hieraan beslist niet wil meewerken.

Verzoeker is van mening dat hij op geen enkele wijze past in de doelgroep en voldoet aan de criteria die Beilen hanteert voor opname van dakloze patiënten. De overplaatsing is de start van de gedwongen behandeling in Beilen en kan zeer zeker als een dwangbehandeling worden opgevat. Daar gaat de Bopz over en de klachtencommissie heeft de klacht van verzoeker ook als een Bopz klacht opgevat. De advocaat stelt dat de overplaatsing wel zeker het begin is van een dwangbehandeling met zeer ingrijpende en waarschijnlijk zeer langdurige gevolgen voor verzoeker De advocaat is van mening dat verzoeker ontvankelijk is in zijn ingestelde beroep tegen de beslissing van de klachtencommissie van 5 januari 2015.

Beoordeling Lid 1 van artikel 41 geeft een opsomming van degenen die kunnen klagen en van de gedragingen waarover kan worden geklaagd. Er kan geklaagd worden over de volgende onderwerpen: over de beslissing om de patiënt wilsonbekwaam te oordelen, zoals mogelijk is gemaakt in artikel 38, lid 2, tweede volzin: over het besluit dwangmedicatie toe te passen, artikel 38, lid 5 derde volzin: over de toepassing van middelen en maatregelen in geval van overbrugging van een tijdelijk noodsituatie, artikel 39; over een toegepaste beperking van een van de in artikel 40 genoemde vrijheden; en over niet-toepassing van het overeengekomen behandelingsplan.

De rechtbank constateert dat de klacht van verzoeker tegen de voorgenomen overplaatsing naar de kliniek Beilen geen klacht is die op grond van artikel 41a Wet Bopz aan de rechtbank kan worden voorgelegd. Dat, zoals de advocaat stelt, verblijf in Beilen het begin zal zijn van een gedwongen behandeling, de rechtbank begrijpt dat de advocaat doelt op een gedwongen behandeling die valt onder het bereik van artikel 41, maakt dit niet anders. Indien betrokkene in Beilen dwangmedicatie zal worden toegediend dan wel indien zich anderszins een situatie als bedoeld in artikel 41, eerste lid, zal voordoen, dan kan hij aldaar op dat moment gebruik maken van het hem toekomende klachtrecht.

Artikel 41 Wet Bopz is niet geschreven om te klagen over niet welgevallige overplaatsingen die binnen de verstrekte rechterlijke machtiging en overeengekomen behandelingsplan vallen. Gelet op het voorgaande ziet de rechtbank dan ook geen aanleiding voor, zoals door de advocaat verzocht, een (mondelinge) behandeling van de zaak ter zitting. B E S L I S S I N G : De rechtbank: Verklaart de verzoeker niet-ontvankelijk in zijn verzoek om de klacht tegen de voorgenomen overplaatsing naar de kliniek Beilen gegrond te verklaren. Deze beschikking is gegeven door mr.

R.H.G. Odink, rechter, in tegenwoordigheid van J. Koomen griffier, op 10 maart 2015.