Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBAMS:2014:5707 ECLI:NL:RBAMS:2014:5707 AI generated

ECLI:NL:RBAMS:2014:5707 · Rechtbank Amsterdam

Case Number ECLI:NL:RBAMS:2014:5707
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK AMSTERDAM wrakingskamer Beschikking op het ter zitting van 15 januari 2014 mondeling gedane en onder rekestnummer C/14/55830 HA RK 31.2014 ingeschreven verzoek van: [Naam] woonplaats Amsterdam, verzoeker, welk verzoek strekt tot wraking van mr. J.L. Hillenius, politierechter belast met de behandeling van strafzaken te Amsterdam, hierna: de rechter. 1Verloop van de procedure 1.1 Verzoeker is verdachte in een strafzaak geregistreerd onder parketnummer 13/208256-13. 1.2 Op 15 januari 2014 heeft in de strafzaak een terechtzitting plaatsgevonden.

Legislator headnote

AI generated

artikel 515 lid 5 Sv; ECLI:NL:RBAMS:2014:5707 · Rechtbank Amsterdam: Op grond van het voorgaande wordt beslist als volgt. BESLISSING De rechtbank:  verklaart verzoeker niet ontvankelijk in zijn verzoek tot wraking,  bepaalt dat een volgend verzoek tot wraking gericht tegen de rechter belast met de behandeling van de strafzaak van klager niet meer in behandeling zal worden genomen; Aldus gegeven door mrs. N.C.H. Blankevoort voorzitter, A.W.J. Ros en A.W.H. Vink, leden en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 25 februari 2014 in tegenwoordigheid van de griffier. Tegen deze beslissing staat op grond van het bepaalde in artikel 515 lid 5 Sv geen voorziening open.

Keywords

AI generated
dismissal of traffic proceedings dismissal of fraud charges action to recover possession unreasonableness of return to Afghanistan third-party claim procedure in attachment withdrawal of criminal complaint

Cited Legislation

AI generated
artikel 515 lid 5 Sv
Tegen deze beslissing staat op grond van het bepaalde in artikel 515 lid 5 Sv geen voorziening open.
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK AMSTERDAM wrakingskamer Beschikking op het ter zitting van 15 januari 2014 mondeling gedane en onder rekestnummer C/14/55830 HA RK 31.2014 ingeschreven verzoek van: [Naam] woonplaats Amsterdam, verzoeker, welk verzoek strekt tot wraking van mr. J.L. Hillenius, politierechter belast met de behandeling van strafzaken te Amsterdam, hierna: de rechter. 1Verloop van de procedure 1.1 Verzoeker is verdachte in een strafzaak geregistreerd onder parketnummer 13/208256-13. 1.2 Op 15 januari 2014 heeft in de strafzaak een terechtzitting plaatsgevonden.

In het proces-verbaal van die terechtzitting is onder meer het volgende opgenomen: “De verdachte verzoekt om wraking van de politierechter, en voert daartoe, zakelijk weergegeven, het volgende aan: U bent vooringenomen omdat u vindt dat u de wet mag toepassen, zelfs wanneer de wet tegen de Grondwet en de mensenrechten ingaat. U past wetten toe die de mensenrechten en de Grondwet schenden.” 2De beoordeling van het verzoek 2.1 Wraking van een rechter is slechts mogelijk op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden.

Daarvan kan sprake zijn indien de rechter jegens een partij vooringenomen is of indien de vrees van een partij daarvoor objectief gerechtvaardigd is. 2.2 Bij de beoordeling daarvan moet voorop staan dat een rechter uit hoofde van zijn aanstelling wordt vermoed onpartijdig te zijn, tenzij zich uitzonderlijke omstandigheden voordoen die zwaarwegende aanwijzingen opleveren voor het oordeel dat de rechter jegens een partij een vooringenomenheid koestert, althans dat de bij die partij dienaangaande bestaande vrees objectief gerechtvaardigd is. 2.3 Uit de wet (512 en 513 Wetboek van Strafvordering) en het vermoeden van onpartijdigheid volgt dat een verzoeker concrete feiten en omstandigheden dient aan te voeren waaruit objectief afgeleid kan worden dat de rechter jegens een partij vooringenomen is, of dat de vrees van een partij dat er sprake is van een dergelijke vooringenomenheid objectief gerechtvaardigd is.

Alle feiten en omstandigheden moeten tegelijk - in het verzoek - worden voorgedragen. 2.4 Het onderhavige verzoek bevat geen feiten of omstandigheden waaruit vooringenomenheid van de politierechter of zwaarwegende aanwijzingen voor objectief gerechtvaardigde vrees daarvoor, zijn af te leiden. Bij gebreke van gronden is het wrakingsverzoek kennelijk niet-ontvankelijk. De mondelinge behandeling kan daarom achterwege blijven. 2.5 Omdat door verzoeker het middel tot wraking lichtvaardig, want zonder enige grondslag is ingezet, is naar het oordeel van de rechtbank sprake van misbruik van recht.

De rechtbank zal daarom bepalen dat een volgend verzoek tot wraking van de politierechter belast met de behandeling van de strafzaak van klager niet in behandeling wordt genomen.

3. Op grond van het voorgaande wordt beslist als volgt. BESLISSING De rechtbank:  verklaart verzoeker niet ontvankelijk in zijn verzoek tot wraking,  bepaalt dat een volgend verzoek tot wraking gericht tegen de rechter belast met de behandeling van de strafzaak van klager niet meer in behandeling zal worden genomen; Aldus gegeven door mrs. N.C.H. Blankevoort voorzitter, A.W.J. Ros en A.W.H. Vink, leden en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 25 februari 2014 in tegenwoordigheid van de griffier. Tegen deze beslissing staat op grond van het bepaalde in artikel 515 lid 5 Sv geen voorziening open.