Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBAMS:2012:BX7498 ECLI:NL:RBAMS:2012:BX7498 AI generated

ECLI:NL:RBAMS:2012:BX7498 · Rechtbank Amsterdam

Case Number ECLI:NL:RBAMS:2012:BX7498
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK AMSTERDAM SECTOR KANTON - LOCATIE AMSTERDAM Kenmerk : 1375201 CV EXPL 12-26396 Datum : 17 september 2012 560 Vonnis in de zaak van: de besloten vennootschap VESTEDA INVESTMENT MANAGEMENT B.V. gevestigd en kantoorhoudende te Amsterdam eiseres gemachtigde: mr. L.M. Jongerius t e g e n Gedaagde 1 en Gedaagde 2 beiden wonende te [woonplaats], gedaagden, niet verschenen. VERLOOP VAN DE PROCEDURE Bij exploot van dagvaarding van 20 augustus 2012 heeft eiseres gevorderd ontbinding van na te noemen huurover¬eenkomst met ontrui¬ming van het gehuurde en veroordeling van gedaagden tot betaling van een bedrag van € 2.860,60 met nevenvordering(en), één en ander zoals in de dagvaarding nader omschreven.

Legislator headnote

AI generated

artikel 6:96 Burgerlijk Wetboek; ECLI:NL:RBAMS:2012:BX7498 · Rechtbank Amsterdam: Per 1 juli 2012 is artikel 6:96 Burgerlijk Wetboek gewijzigd en gelden er ten aanzien van vorderingen met betaling waarvan schuldenaren per die datum in verzuim zijn andere voorschriften om aanspraak te kunnen maken op buitengerechtelijke kosten. Eiseres heeft in de dagvaarding geen onderscheid gemaakt in huurachterstand waarmee gedaagden vóór 1 juli 2012 en na 1 juli 2012 in verzuim waren en dus ook geen uitsplitsing gemaakt van de incassokosten die zouden kunnen worden toegewezen over de huurachterstand vóór 1 juli 2012 en na 1 juli 2012. De buitengerechtelijke kosten worden daarom in zijn geheel afgewezen.

Keywords

AI generated
costs of late payment advances on costs rent arrears staggering of health insurance premiums consequential costs payment by instalments

Cited Legislation

AI generated
artikel 6:96 Burgerlijk Wetboek
Per 1 juli 2012 is artikel 6:96 Burgerlijk Wetboek gewijzigd en gelden er ten aanzien van vorderingen met betaling waarvan schuldenaren per die datum in verzuim zijn andere voorschriften om aanspraak te kunnen maken op buitengerechtelijke kosten.
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK AMSTERDAM SECTOR KANTON - LOCATIE AMSTERDAM Kenmerk : 1375201 CV EXPL 12-26396 Datum : 17 september 2012 560 Vonnis in de zaak van: de besloten vennootschap VESTEDA INVESTMENT MANAGEMENT B.V. gevestigd en kantoorhoudende te Amsterdam eiseres gemachtigde: mr. L.M. Jongerius t e g e n Gedaagde 1 en Gedaagde 2 beiden wonende te [woonplaats], gedaagden, niet verschenen. VERLOOP VAN DE PROCEDURE Bij exploot van dagvaarding van 20 augustus 2012 heeft eiseres gevorderd ontbinding van na te noemen huurover¬eenkomst met ontrui¬ming van het gehuurde en veroordeling van gedaagden tot betaling van een bedrag van € 2.860,60 met nevenvordering(en), één en ander zoals in de dagvaarding nader omschreven.

Tegen gedaagden is verstek verleend. Vervolgens is een datum voor vonnis bepaald. GRONDEN VAN DE BESLISSING De vordering komt niet onrechtmatig of ongegrond voor, zodat deze toewijsbaar is, behoudens het hierna volgende. Uit de productie bij dagvaarding blijkt dat in de gevorderde hoofdsom een bedrag van € 25,00 aan aanmaankosten en een bedrag van € 5,69 aan rentenota zijn begrepen. Deze bedragen worden afgewezen nu hiervoor onvoldoende is gesteld. Ten aanzien van de buitengerechtelijke kosten geldt het volgende. De vordering heeft betrekking op huurachterstand, berekend tot en met augustus 2012.

Per 1 juli 2012 is artikel 6:96 Burgerlijk Wetboek gewijzigd en gelden er ten aanzien van vorderingen met betaling waarvan schuldenaren per die datum in verzuim zijn andere voorschriften om aanspraak te kunnen maken op buitengerechtelijke kosten. Eiseres heeft in de dagvaarding geen onderscheid gemaakt in huurachterstand waarmee gedaagden vóór 1 juli 2012 en na 1 juli 2012 in verzuim waren en dus ook geen uitsplitsing gemaakt van de incassokosten die zouden kunnen worden toegewezen over de huurachterstand vóór 1 juli 2012 en na 1 juli 2012. De buitengerechtelijke kosten worden daarom in zijn geheel afgewezen.

BESLISSING De kantonrechter: I.ontbindt de huurovereenkomst tussen partijen met betrekking tot de woning aan [adres] te Amsterdam Zuidoost; II.veroordeelt gedaagden om het gehuurde te ontruimen en ter beschikking van eiseres te stellen, welke ontruiming zo nodig door de deurwaarder bewerkstelligd kan worden met behulp van de sterke arm conform het in artikel 555 e.v. jo. 444 Rv bepaalde; III.veroordeelt de gedaagden hoofdelijk, des de een betalende de ander zal zijn bevrijd, aan eiseres te voldoen: a.€ 2.599,31, ter zake van de hoofd¬som b.€ 52,10, ter zake van meegevorderde rente het onder a. genoemde bedrag vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 21 augustus 2012 tot de voldoening;

IV.veroordeelt gedaagden hoofdelijk, des de een betalende de ander zal zijn bevrijd, aan eiseres te voldoen de som van € 873,26 voor elke maand of gedeelte daarvan gedurende welke gedaagden na 31 augustus 2012 in het genot blijven van de woning; V.veroordeelt gedaagden hoofdelijk, des de een betalende de ander zal zijn bevrijd, in de kosten van het geding, tot deze uitspraak aan de zijde van eiseres begroot op € 714,40, gespecificeerd als volgt: Exploot € 102,40 Salaris € 175,00 Vastrecht € 437,00 Totaal € 714,40 VI.verklaart de veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad.

VII.wijst het meer of anders gevorderde af. Aldus gewezen door mr. E. Pennink, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 17 september 2012 in tegenwoordigheid van de griffier. De griffier De kantonrechter