ECLI:NL:RBALM:2012:BY2979 · Rechtbank Almelo
Legislator summary
AI generatedRECHTBANK ALMELO Sector Kanton Locatie Enschede Zaaknummer : 411847 CV EXPL 5816-12 Uitspraak : 13 november 2012 Vonnis in de zaak van: [EISER] wonende te [woonplaats] eisende partij, hierna ook wel [eiser] te noemen gemachtigde: mr. B. Bentem, advocaat te Enschede tegen de openbare ambtsdrager de heer [GEDAAGDE SUB 1] en de heer [GEDAAGDE SUB 2] in persoon, kantoorhoudende en handelende onder de naam [X] te Enschede gedaagde partij, hierna ook wel [gedaagde sub 1] en [gedaagde sub 2] te noemen procederende in persoon 1. Het verloop van de procedure: 1.1 Dit verloop blijkt uit: - de dagvaarding van 11 juli 2012 tegen de zitting in kort geding van de kantonrechter te Enschede van 19 juli 2012 te 10.45 uur; - het faxbericht van de gemachtigde van [eiser] van 17 juli 2012, onder gelijktijdige toezending aan deurwaarderskantoor [gedaagde sub 1], waarbij hij schrijft dat de dagvaarding wordt ingetrokken; - het faxbericht van [gedaagde sub 2] van 18 juli 2012 waarin hij vraagt [eiser] en zijn gemachtigde mr Bentem te veroordelen in de aan zijn zijde gemaakte kosten. - De brief van mr.
Legislator headnote
AI generatedartikel 249 lid 2 Rv; ECLI:NL:RBALM:2012:BY2979 · Rechtbank Almelo: De beoordeling van het geschil: 2.1 [Gedaagde sub 2] vraagt om een proceskostenveroordeling. De kantonrechter is van oordeel dat als hoofdregel geldt dat de bepalingen van het Wetboek van burgerlijke rechtsvordering op een kort geding van toepassing zijn, indien de aard van het kort geding zich daartegen niet verzet. Er is door [eiser] geen afstand van instantie gedaan, zodat artikel 249 lid 2 Rv toepassing mist. Het intrekken van een kort geding is, voor zover het gaat om een proceskostenveroordeling, niet geregeld in de wet. Niet uit het oog mag worden verloren dat voor korte gedingen geen rol bestaat.
Keywords
AI generatedCited Legislation
AI generatedRelated Decisions
AI generatedFull text
RECHTBANK ALMELO Sector Kanton Locatie Enschede Zaaknummer : 411847 CV EXPL 5816-12 Uitspraak : 13 november 2012 Vonnis in de zaak van: [EISER] wonende te [woonplaats] eisende partij, hierna ook wel [eiser] te noemen gemachtigde: mr. B. Bentem, advocaat te Enschede tegen de openbare ambtsdrager de heer [GEDAAGDE SUB 1] en de heer [GEDAAGDE SUB 2] in persoon, kantoorhoudende en handelende onder de naam [X] te Enschede gedaagde partij, hierna ook wel [gedaagde sub 1] en [gedaagde sub 2] te noemen procederende in persoon 1. Het verloop van de procedure: 1.1 Dit verloop blijkt uit: - de dagvaarding van 11 juli 2012 tegen de zitting in kort geding van de kantonrechter te Enschede van 19 juli 2012 te 10.45 uur; - het faxbericht van de gemachtigde van [eiser] van 17 juli 2012, onder gelijktijdige toezending aan deurwaarderskantoor [gedaagde sub 1], waarbij hij schrijft dat de dagvaarding wordt ingetrokken; - het faxbericht van [gedaagde sub 2] van 18 juli 2012 waarin hij vraagt [eiser] en zijn gemachtigde mr Bentem te veroordelen in de aan zijn zijde gemaakte kosten. - De brief van mr.
Bentem d.d. 11 september 2012 waarin hij de kantonrechter vraagt het verzoek van [gedaagde sub 2] af te wijzen.
2. De beoordeling van het geschil: 2.1 [Gedaagde sub 2] vraagt om een proceskostenveroordeling. De kantonrechter is van oordeel dat als hoofdregel geldt dat de bepalingen van het Wetboek van burgerlijke rechtsvordering op een kort geding van toepassing zijn, indien de aard van het kort geding zich daartegen niet verzet. Er is door [eiser] geen afstand van instantie gedaan, zodat artikel 249 lid 2 Rv toepassing mist. Het intrekken van een kort geding is, voor zover het gaat om een proceskostenveroordeling, niet geregeld in de wet. Niet uit het oog mag worden verloren dat voor korte gedingen geen rol bestaat.
Van een inschrijving ter rolle is daarom geen sprake geweest. Het kort geding is niet uitgeroepen en de gedaagde partijen hebben geen proceshandelingen verricht. Nu er geen wettelijke regeling is, zal de kantonrechter het vigerende procesreglement korte gedingen rechtbanken sector kanton toepassen. In artikel 9.1 van dit reglement is bepaald dat de eisende partij de procedure kan intrekken tot het moment dat de zaak is uitgeroepen en dat in een dergelijk geval de kantonrechter geen proceskostenveroordeling uitspreekt. Hetgeen hiervoor is overwogen leidt tot de volgende beslissing.
Beslissing: Verstaat dat de zaak is ingetrokken en dat er geen plaats is voor een proceskostenveroordeling. Dit vonnis is gewezen te Enschede door mr. M.H. van Rhijn, kantonrechter, en op 13 november 2012 in het openbaar uitgesproken in tegenwoordigheid van de griffier.