ECLI:NL:PHR:2023:11 · Parket bij de Hoge Raad
Legislator summary
AI generatedPROCUREUR-GENERAAL BIJ DE HOGE RAAD DER NEDERLANDEN Nummer 21/01677 P Zitting 10 januari 2023 CONCLUSIE D.J.C. Aben In de zaak [betrokkene] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1984, hierna: de betrokkene 1. Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft bij arrest van 14 april 2021 het door de betrokkene wederrechtelijk verkregen voordeel vastgesteld op € 9.500,00 en – na aftrek van het onder de betrokkene in beslag genomen en verbeurdverklaarde geldbedrag van € 4.760,00 – aan de betrokkene de verplichting opgelegd tot betaling aan de staat van het bedrag van € 4.740,00.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:PHR:2023:11 · Parket bij de Hoge Raad: Het cassatieberoep is ingesteld namens de betrokkene. Y. Moszkowicz, advocaat te Utrecht, heeft twee middelen van cassatie voorgesteld.
Full text
PROCUREUR-GENERAAL BIJ DE HOGE RAAD DER NEDERLANDEN Nummer 21/01677 P Zitting 10 januari 2023 CONCLUSIE D.J.C. Aben In de zaak [betrokkene] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1984, hierna: de betrokkene 1. Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft bij arrest van 14 april 2021 het door de betrokkene wederrechtelijk verkregen voordeel vastgesteld op € 9.500,00 en – na aftrek van het onder de betrokkene in beslag genomen en verbeurdverklaarde geldbedrag van € 4.760,00 – aan de betrokkene de verplichting opgelegd tot betaling aan de staat van het bedrag van € 4.740,00.
2. Er bestaat samenhang met de strafzaak 21/01678. In die zaak zal ik vandaag ook concluderen.
3. Het cassatieberoep is ingesteld namens de betrokkene. Y. Moszkowicz, advocaat te Utrecht, heeft twee middelen van cassatie voorgesteld.
4. Beide voorgestelde middelen zijn inhoudelijk identiek aan de twee middelen die in de samenhangende strafzaak zijn voorgesteld. Derhalve verwijs ik voor de inhoudelijke bespreking van de middelen in deze ontnemingszaak naar de conclusie in de strafzaak.
5. Beide middelen falen.
6. Ambtshalve heb ik geen gronden aangetroffen die tot vernietiging van de bestreden uitspraak aanleiding behoren te geven.
7. Deze conclusie strekt tot verwerping van het beroep. De procureur-generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden AG