Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:PHR:2021:508 ECLI:NL:PHR:2021:508 AI generated

ECLI:NL:PHR:2021:508 · Parket bij de Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:PHR:2021:508
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

PROCUREUR-GENERAAL BIJ DE HOGE RAAD DER NEDERLANDEN Nummer 20/02622 B Zitting 30 maart 2021 CONCLUSIE A.E. Harteveld In de zaak [klager] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1985, hierna: de klager. Het beroep in cassatie heeft betrekking op een beschikking van de rechtbank Zeeland-West-Brabant, zittingsplaats Breda, van 25 januari 2019, waarbij een namens klager ex art. 552a Sv ingediend klaagschrift strekkende tot teruggave aan hem van een onder hem inbeslaggenomen auto (Opel Astra, kenteken [kenteken] ), ongegrond is verklaard. Het cassatieberoep is ingesteld namens de klager en mr.

Legislator headnote

AI generated

art. 552a Sv, art. 552b Sv; ECLI:NL:PHR:2021:508 · Parket bij de Hoge Raad: Harteveld In de zaak [klager] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1985, hierna: de klager. Het beroep in cassatie heeft betrekking op een beschikking van de rechtbank Zeeland-West-Brabant, zittingsplaats Breda, van 25 januari 2019, waarbij een namens klager ex art. 552a Sv ingediend klaagschrift strekkende tot teruggave aan hem van een onder hem inbeslaggenomen auto (Opel Astra, kenteken [kenteken] ), ongegrond is verklaard. Het cassatieberoep is ingesteld namens de klager en mr.

Keywords

AI generated
art. 552a Sv art. 552b Sv

Cited Legislation

AI generated
art. 552a Sv
art. 552b Sv
Met betrekking tot de bij de behandeling in raadkamer bij de rechtbank namens de klager betrokken stelling, dat de auto toebehoorde aan de vriendin van de klager, verwijs ik naar de rechtsgang die art. 552b Sv openstelt voor een dergelijk geval.

Cited Case Law

AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

PROCUREUR-GENERAAL BIJ DE HOGE RAAD DER NEDERLANDEN Nummer 20/02622 B Zitting 30 maart 2021 CONCLUSIE A.E. Harteveld In de zaak [klager] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1985, hierna: de klager. Het beroep in cassatie heeft betrekking op een beschikking van de rechtbank Zeeland-West-Brabant, zittingsplaats Breda, van 25 januari 2019, waarbij een namens klager ex art. 552a Sv ingediend klaagschrift strekkende tot teruggave aan hem van een onder hem inbeslaggenomen auto (Opel Astra, kenteken [kenteken] ), ongegrond is verklaard. Het cassatieberoep is ingesteld namens de klager en mr.

S.W.M. Stevens, advocaat te 'sGravenhage, heeft een middel van cassatie voorgesteld. Alvorens ik toekom aan de bespreking van het middel, besteed ik aandacht aan de vraag of klager in zijn cassatieberoep kan worden ontvangen. Uit namens mij ingewonnen inlichtingen blijkt namelijk dat het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch op 25 januari 2021 in hoger beroep arrest heeft gewezen in de strafzaak jegens klager (parketnummer 20-000088-20). Bij dat arrest is de auto, waarop het klaagschrift betrekking had, verbeurdverklaard. Tegen dat arrest is geen beroep in cassatie ingesteld, zodat het onherroepelijk is geworden.

5. Een en ander betekent dat op het bestaande klaagschrift geen andersluidende beslissing meer kan volgen. Bij die stand van zaken is voor de klager geen belang meer aanwezig bij cassatie. De klager dient daarom in het cassatieberoep niet-ontvankelijk te worden verklaard.

6. Aan de bespreking van het middel kom ik derhalve niet meer toe.

7. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van de klager in het beroep. De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden AG Het chassisnummer […] van de auto, die is verbeurdverklaard, komt blijkens de kennisgeving van inbeslagneming, die bij het klaagschrift is gevoegd, overeen met het chassisnummer van de Opel Astra waarop het klaagschrift betrekking heeft – afgezien van de Q waarvoor kennelijk in eerste instantie een O is gelezen. Met betrekking tot de bij de behandeling in raadkamer bij de rechtbank namens de klager betrokken stelling, dat de auto toebehoorde aan de vriendin van de klager, verwijs ik naar de rechtsgang die art. 552b Sv openstelt voor een dergelijk geval. Vgl. HR 8 januari 2008, ECLI:NL:HR:2008:BB8989, NJ 2008, 53.