ECLI:NL:PHR:2021:377 · Parket bij de Hoge Raad
Legislator summary
AI generatedDe betrokkene is bij arrest van 27 juni 2019 door het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, niet ontvankelijk verklaard in het hoger beroep. Er bestaat samenhang met de zaak 19/03197. In deze zaak zal ik vandaag ook concluderen.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:PHR:2021:377 · Parket bij de Hoge Raad: Het cassatieberoep is ingesteld namens de betrokkene. Mr. R.J. Baumgardt, mr. P. van Dongen en mr. S. van den Akker, advocaten te Rotterdam, hebben een middel van cassatie voorgesteld.
Full text
PROCUREUR-GENERAAL BIJ DE HOGE RAAD DER NEDERLANDEN Nummer 19/03291 P Zitting 2 maart 2021 (bij vervroeging) CONCLUSIE D.J.C. Aben In de zaak [betrokkene], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1984, hierna: de betrokkene.
1. De betrokkene is bij arrest van 27 juni 2019 door het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, niet ontvankelijk verklaard in het hoger beroep.
2. Er bestaat samenhang met de zaak 19/03197. In deze zaak zal ik vandaag ook concluderen.
3. Het cassatieberoep is ingesteld namens de betrokkene. Mr. R.J. Baumgardt, mr. P. van Dongen en mr. S. van den Akker, advocaten te Rotterdam, hebben een middel van cassatie voorgesteld.
4. Het middel bevat de klacht dat de betrokkene ten tijde van de behandeling van zijn zaak in hoger beroep uit anderen hoofde was gedetineerd, zodat de beslissing van het hof om verstek te verlenen tegen de betrokkene en het onderzoek ter terechtzitting voort te zetten, achteraf bezien, onjuist was.
5. De inhoudelijke klacht van het middel, alsmede de feitelijke gang van zaken rondom de betekening van de dagvaarding respectievelijk de oproeping van de veroordeelde in hoger beroep, het verhandelde ter terechtzitting van 27 juni 2019 en de inhoudelijke beslissing van het gerechtshof, zijn in de samenhangende strafzaak en de onderhavige ontnemingszaak identiek. Derhalve verwijs ik voor de bespreking ervan naar het (enige) middel in de samenhangende strafzaak.
6. Het middel is terecht voorgesteld.
7. Ambtshalve heb ik geen gronden aangetroffen die tot vernietiging van de bestreden uitspraak aanleiding behoren te geven.
8. Deze conclusie strekt tot vernietiging van de bestreden uitspraak en tot terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, opdat de zaak op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan. De procureur-generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden AG De strafzaak en de ontnemingszaak zijn in hoger beroep gelijktijdig, maar zonder voeging, behandeld op dezelfde terechtzitting, te weten 27 juni 2019 om 14:20 uur. De dagvaarding en de oproeping zijn samen en tegelijkertijd, door middel van één betekeningsakte, betekend.