ECLI:NL:PHR:2018:1519 · Parket bij de Hoge Raad
Legislator summary
AI generatedNr. 17/05448 Zitting: 16 oktober 2018 Mr. D.J.C. Aben Conclusie inzake: [verzoeker] De wrakingskamer van het gerechtshof Den Haag heeft bij beslissing van 1 november 2017 de verzoeker niet-ontvankelijk verklaard in zijn hoger beroep tegen de beslissing van 8 mei 2017 van de wrakingskamer van de rechtbank Den Haag. Namens de verzoeker heeft mr. D.G. Barmentlo, advocaat te Nijmegen, twee middelen van cassatie voorgesteld. Met betrekking tot de ontvankelijkheid van het onderhavige cassatieberoep merk ik het volgende op. Ingevolge art. 515, vijfde lid, Sv staat tegen een beslissing op een verzoek tot wraking geen rechtsmiddel open, zodat het cassatieberoep niet-ontvankelijk dient te worden verklaard. 4. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van het beroep. De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden AG Vgl. HR 16 juni 2005, ECLI:NL:HR:2005:AT7031.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:PHR:2018:1519 · Parket bij de Hoge Raad: Nr. 17/05448 Zitting: 16 oktober 2018 Mr. D.J.C. Aben Conclusie inzake: [verzoeker] De wrakingskamer van het gerechtshof Den Haag heeft bij beslissing van 1 november 2017 de verzoeker niet-ontvankelijk verklaard in zijn hoger beroep tegen de beslissing van 8 mei 2017 van de wrakingskamer van de rechtbank Den Haag. Namens de verzoeker heeft mr. D.G. Barmentlo, advocaat te Nijmegen, twee middelen van cassatie voorgesteld. Met betrekking tot de ontvankelijkheid van het onderhavige cassatieberoep merk ik het volgende op. Ingevolge art. 515, vijfde lid, Sv staat tegen een beslissing op een verzoek tot wraking geen rechtsmiddel open, zodat het cassatieberoep niet-ontvankelijk dient te worden verklaard. 4. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van het beroep. De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden AG Vgl. HR 16 juni 2005, ECLI:NL:HR:2005:AT7031.
Cited Case Law
AI generatedFull text
Nr. 17/05448 Zitting: 16 oktober 2018 Mr. D.J.C. Aben Conclusie inzake: [verzoeker] De wrakingskamer van het gerechtshof Den Haag heeft bij beslissing van 1 november 2017 de verzoeker niet-ontvankelijk verklaard in zijn hoger beroep tegen de beslissing van 8 mei 2017 van de wrakingskamer van de rechtbank Den Haag. Namens de verzoeker heeft mr. D.G. Barmentlo, advocaat te Nijmegen, twee middelen van cassatie voorgesteld. Met betrekking tot de ontvankelijkheid van het onderhavige cassatieberoep merk ik het volgende op. Ingevolge art. 515, vijfde lid, Sv staat tegen een beslissing op een verzoek tot wraking geen rechtsmiddel open, zodat het cassatieberoep niet-ontvankelijk dient te worden verklaard. 4. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van het beroep. De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden AG Vgl. HR 16 juni 2005, ECLI:NL:HR:2005:AT7031.