ECLI:NL:PHR:2018:1467 · Parket bij de Hoge Raad
Legislator summary
AI generatedNr. 17/04063 Zitting: 30 oktober 2018 Mr. F.W. Bleichrodt Conclusie inzake: [verdachte] De verdachte is bij arrest van 31 augustus 2006 door het gerechtshof 's-Gravenhage wegens “valsheid in geschrift” veroordeeld tot een taakstraf in de vorm van een werkstraf voor de duur van honderd uren subsidiair vijftig dagen hechtenis en een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van één maand met een proeftijd van twee jaren. De onderhavige zaak hangt samen met de ontnemingszaak tegen de verdachte met nr. 17/04062. In deze zaak zal ik vandaag ook concluderen.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:PHR:2018:1467 · Parket bij de Hoge Raad: Nr. 17/04063 Zitting: 30 oktober 2018 Mr. F.W. Bleichrodt Conclusie inzake: [verdachte] De verdachte is bij arrest van 31 augustus 2006 door het gerechtshof 's-Gravenhage wegens “valsheid in geschrift” veroordeeld tot een taakstraf in de vorm van een werkstraf voor de duur van honderd uren subsidiair vijftig dagen hechtenis en een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van één maand met een proeftijd van twee jaren. De onderhavige zaak hangt samen met de ontnemingszaak tegen de verdachte met nr. 17/04062. In deze zaak zal ik vandaag ook concluderen.
Full text
Nr. 17/04063 Zitting: 30 oktober 2018 Mr. F.W. Bleichrodt Conclusie inzake: [verdachte] De verdachte is bij arrest van 31 augustus 2006 door het gerechtshof 's-Gravenhage wegens “valsheid in geschrift” veroordeeld tot een taakstraf in de vorm van een werkstraf voor de duur van honderd uren subsidiair vijftig dagen hechtenis en een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van één maand met een proeftijd van twee jaren. De onderhavige zaak hangt samen met de ontnemingszaak tegen de verdachte met nr. 17/04062. In deze zaak zal ik vandaag ook concluderen.
Tegen genoemd arrest is namens de verdachte beroep in cassatie ingesteld. Namens de verdachte heeft mr. R.P. Snorn, advocaat te Heerenveen, bij schriftuur van 29 januari 2018 één middel van cassatie ingediend. Bij brief van 6 februari 2018 heeft de raadsman zijn schriftuur ingetrokken. Nu als gevolg van deze intrekking geen middelen van cassatie meer resteren, kan de verdachte niet in het cassatieberoep worden ontvangen. Deze conclusie strekt ertoe dat de Hoge Raad de verdachte niet-ontvankelijk zal verklaren in het ingestelde cassatieberoep. De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden AG