Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:PHR:2015:350 ECLI:NL:PHR:2015:350 AI generated

ECLI:NL:PHR:2015:350 · Parket bij de Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:PHR:2015:350
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Nr. 13/02812 Zitting: 17 februari 2015 Mr. Aben Conclusie inzake: [verdachte] 1. Het gerechtshof te Arnhem-Leeuwarden, locatie Arnhem, heeft bij arrest van 5 juni 2013 de verdachte ter zake van “medeplegen van witwassen” veroordeeld tot een taakstraf voor de duur van 120 uren, subsidiair 60 dagen hechtenis, met aftrek van voorarrest. Voorts heeft het hof het in beslag genomen voorwerp, te weten een geldbedrag van € 10.000,- verbeurd verklaard.

Legislator headnote

AI generated

art. 435 Sv, art. 437 Sv; ECLI:NL:PHR:2015:350 · Parket bij de Hoge Raad: De aanzegging als bedoeld in art. 435 Sv is op 3 september 2013 aan de verdachte in persoon betekend. De in het tweede lid van art. 437 Sv gestelde termijn van twee maanden liep af op 4 november 2013. Er is gedurende deze termijn geen schriftuur houdende middelen van cassatie binnengekomen.

Keywords

AI generated
art. 435 Sv art. 437 Sv

Cited Legislation

AI generated
art. 435 Sv
De aanzegging als bedoeld in art. 435 Sv is op 3 september 2013 aan de verdachte in persoon betekend.
art. 437 Sv
De in het tweede lid van art. 437 Sv gestelde termijn van twee maanden liep af op 4 november 2013.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

Nr. 13/02812 Zitting: 17 februari 2015 Mr. Aben Conclusie inzake: [verdachte] 1. Het gerechtshof te Arnhem-Leeuwarden, locatie Arnhem, heeft bij arrest van 5 juni 2013 de verdachte ter zake van “medeplegen van witwassen” veroordeeld tot een taakstraf voor de duur van 120 uren, subsidiair 60 dagen hechtenis, met aftrek van voorarrest. Voorts heeft het hof het in beslag genomen voorwerp, te weten een geldbedrag van € 10.000,- verbeurd verklaard.

2. Deze zaak hangt samen met zaaknummer 13/02808. In beide zaken zal ik vandaag concluderen.

3. Namens de verdachte is beroep in cassatie ingesteld.

4. De aanzegging als bedoeld in art. 435 Sv is op 3 september 2013 aan de verdachte in persoon betekend. De in het tweede lid van art. 437 Sv gestelde termijn van twee maanden liep af op 4 november 2013. Er is gedurende deze termijn geen schriftuur houdende middelen van cassatie binnengekomen.

5. Nu de verdachte niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft doen indienen, kan hij ingevolge art. 437, tweede lid, Sv niet in zijn cassatieberoep worden ontvangen.

6. Deze conclusie strekt ertoe dat de Hoge Raad de verdachte niet-ontvankelijk zal verklaren in het ingestelde cassatieberoep. De procureur-generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden, AG