Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:PHR:2015:1035 ECLI:NL:PHR:2015:1035 AI generated

ECLI:NL:PHR:2015:1035 · Parket bij de Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:PHR:2015:1035
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Nr. 14/03174 Zitting: 2 juni 2015 Mr. T.N.B.M. Spronken Conclusie inzake: [verdachte] Verdachte is bij arrest van 20 december 2013 door het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, wegens 1. “medeplegen van voorbereiding van het misdrijf moord waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van acht jaren of meer is gesteld” 2. “overtreding van een bij artikel 3 van de Vuurwapenverordening 1930 gesteld verbod” en (II)1. “deelneming aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven” veroordeeld tot een gevangenisstraf van vier jaren en negen maanden, met aftrek van het voorarrest.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:PHR:2015:1035 · Parket bij de Hoge Raad: Nr. 14/03174 Zitting: 2 juni 2015 Mr. T.N.B.M. Spronken Conclusie inzake: [verdachte] Verdachte is bij arrest van 20 december 2013 door het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, wegens 1. “medeplegen van voorbereiding van het misdrijf moord waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van acht jaren of meer is gesteld” 2. “overtreding van een bij artikel 3 van de Vuurwapenverordening 1930 gesteld verbod” en (II)1. “deelneming aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven” veroordeeld tot een gevangenisstraf van vier jaren en negen maanden, met aftrek van het voorarrest.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

Nr. 14/03174 Zitting: 2 juni 2015 Mr. T.N.B.M. Spronken Conclusie inzake: [verdachte] Verdachte is bij arrest van 20 december 2013 door het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, wegens 1. “medeplegen van voorbereiding van het misdrijf moord waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van acht jaren of meer is gesteld” 2. “overtreding van een bij artikel 3 van de Vuurwapenverordening 1930 gesteld verbod” en (II)1. “deelneming aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven” veroordeeld tot een gevangenisstraf van vier jaren en negen maanden, met aftrek van het voorarrest.

Tevens is beslist over het beslag. Er bestaat samenhang tussen de zaken 14/01796, 14/03171 en 14/03173. In deze zaken zal ik vandaag eveneens concluderen. De verdachte heeft beroep in cassatie ingesteld op 7 januari 2014. Op 5 oktober 2014 is de aanzegging aan de verdachte in persoon uitgereikt, waarbij hem een termijn van zestig dagen is gesteld voor het doen indienen van de cassatieschriftuur. Nu de verdachte niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft doen indienen, is het voorschrift van art. 437, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering niet in acht genomen, zodat de verdachte in het beroep niet kan worden ontvangen.

Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van de verdachte in het cassatieberoep. De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden AG