Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:PHR:2014:722 ECLI:NL:PHR:2014:722 AI generated

ECLI:NL:PHR:2014:722 · Parket bij de Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:PHR:2014:722
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Nr. 13/02441P Zitting: 20 mei 2014 Mr. Hofstee Conclusie inzake: [betrokkene] 1. Het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft bij arrest van 29 maart 2013 de betrokkene niet-ontvankelijk verklaard in zijn hoger beroep. Er bestaat samenhang tussen de zaken met de nummers 13/01880, 13/02441P, 13/02439, 13/02509, 13/03295P en 13/03305P. In al deze zaken zal ik vandaag concluderen.

Legislator headnote

AI generated

art. 511h Sv; ECLI:NL:PHR:2014:722 · Parket bij de Hoge Raad: Mitsdien heeft de betrokkene niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie doen indienen en is niet in acht genomen het voorschrift van art. 437, tweede lid, Sv in verbinding met art. 511h Sv. Dat betekent dat de betrokkene in het cassatieberoep niet kan worden ontvangen.

Keywords

AI generated
art. 511h Sv

Cited Legislation

AI generated
art. 511h Sv
437, tweede lid, Sv in verbinding met art. 511h Sv.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

Nr. 13/02441P Zitting: 20 mei 2014 Mr. Hofstee Conclusie inzake: [betrokkene] 1. Het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft bij arrest van 29 maart 2013 de betrokkene niet-ontvankelijk verklaard in zijn hoger beroep.

2. Er bestaat samenhang tussen de zaken met de nummers 13/01880, 13/02441P, 13/02439, 13/02509, 13/03295P en 13/03305P. In al deze zaken zal ik vandaag concluderen.

3. Namens de betrokkene heeft mr. N. van Schaik, advocaat te Utrecht, één middel van cassatie voorgesteld.

4. In deze ontnemingszaak is tijdig beroep in cassatie ingesteld. De schriftuur behelst echter een middel dat is gericht tegen het arrest van het Hof Arnhem-Leeuwarden in de met deze zaak samenhangende strafzaak. Nu in het middel niet wordt geklaagd over de schending van een bepaalde rechtsregel en/of het verzuim van een toepasselijk vormvoorschrift door de rechter die de bestreden uitspraak - in dit geval in de ontnemingszaak - heeft gewezen, is geen sprake van een cassatiemiddel in de zin der wet.

5. Mitsdien heeft de betrokkene niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie doen indienen en is niet in acht genomen het voorschrift van art. 437, tweede lid, Sv in verbinding met art. 511h Sv. Dat betekent dat de betrokkene in het cassatieberoep niet kan worden ontvangen.

6. Deze conclusie strekt tot het niet-ontvankelijk verklaren van de betrokkene in het cassatieberoep. De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden AG