Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:PHR:2014:653 ECLI:NL:PHR:2014:653 AI generated

ECLI:NL:PHR:2014:653 · Parket bij de Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:PHR:2014:653
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Nr. 13/02285 Mr. Vegter Zitting 10 juni 2014 Standpunt/conclusie inzake: [verdachte] 1. Het Gerechtshof Leeuwarden heeft bij arrest van 19 april 2013 verdachte ter zake van 1. primair “medeplegen van poging tot doodslag” en 2. cumulatief/alternatief “diefstal, voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken, terwijl het feit wordt gepleegd door wee of meer verenigde personen” veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van zeven jaren met aftrek als bedoeld in art. 27 Sr.

Legislator headnote

AI generated

art. 27 Sr; ECLI:NL:PHR:2014:653 · Parket bij de Hoge Raad: Nr. 13/02285 Mr. Vegter Zitting 10 juni 2014 Standpunt/conclusie inzake: [verdachte] 1. Het Gerechtshof Leeuwarden heeft bij arrest van 19 april 2013 verdachte ter zake van 1. primair “medeplegen van poging tot doodslag” en 2. cumulatief/alternatief “diefstal, voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken, terwijl het feit wordt gepleegd door wee of meer verenigde personen” veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van zeven jaren met aftrek als bedoeld in art. 27 Sr.

Keywords

AI generated
art. 27 Sr

Cited Legislation

AI generated
art. 27 Sr

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

Nr. 13/02285 Mr. Vegter Zitting 10 juni 2014 Standpunt/conclusie inzake: [verdachte] 1. Het Gerechtshof Leeuwarden heeft bij arrest van 19 april 2013 verdachte ter zake van 1. primair “medeplegen van poging tot doodslag” en 2. cumulatief/alternatief “diefstal, voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken, terwijl het feit wordt gepleegd door wee of meer verenigde personen” veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van zeven jaren met aftrek als bedoeld in art. 27 Sr.

2. Namens verdachte is op 1 mei 2013 beroep in cassatie ingesteld. De aanzegging ingevolge art. 435, eerste lid, Sv is op 21 januari 2014 betekend. Art. 437, tweede lid, Sv schrijft voor dat, op straffe van niet-ontvankelijkheid, binnen twee maanden na de betekening van de aanzegging als bedoeld in art. 435, eerste lid, Sv, door een raadsman een schriftuur houdende middelen wordt ingediend. Binnen de termijn als bedoeld in art. 437, tweede lid, Sv is geen schriftuur houdende middelen bij de Hoge Raad binnengekomen, zodat de verdachte niet-ontvankelijk moet worden verklaard in het ingestelde cassatieberoep.

3. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van de verdachte in het beroep in cassatie. De Procureur-Generaalbij de Hoge Raad der Nederlanden AG Deze zaak hangt samen met de zaak [medeverdachte] (14/00250) waarin ik vandaag standpunt bepaal.