Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:PHR:2014:57 ECLI:NL:PHR:2014:57 AI generated

ECLI:NL:PHR:2014:57 · Parket bij de Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:PHR:2014:57
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Nr. 12/05090 Mr. Jörg Zitting 28 januari 2014 Conclusie inzake: [verdachte] 1. Bij arrest van 30 oktober 2012 is de verdachte door het Gerechtshof Arnhem wegens (winkel)diefstal veroordeeld tot een gevangenisstraf van drie weken. Namens de verdachte heeft mr E.D. van Elst, advocaat te Veenendaal, bij schriftuur een middel van cassatie voorgedragen.

Legislator headnote

AI generated

art. 359 Sv; ECLI:NL:PHR:2014:57 · Parket bij de Hoge Raad: Het hof heeft de opgelegde straf die vrijheidsbeneming medebrengt als volgt gemotiveerd: “De hierna te melden strafoplegging is in overeenstemming met de aard en de ernst van het bewezenverklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon van verdachte, zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken." 5. Het middel is terecht voorgesteld omdat bovenstaande overwegingen, in strijd met het zesde lid van art. 359 Sv, geen opgave bevatten van de redenen die in het bijzonder hebben geleid tot de keuze van het opleggen van een vrijheidsbenemende straf (vgl. onder veel meer HR 29 juni 2010, ECLI:NL:HR:2010:BL8747).

Keywords

AI generated
art. 359 Sv

Cited Legislation

AI generated
art. 359 Sv
Het middel is terecht voorgesteld omdat bovenstaande overwegingen, in strijd met het zesde lid van art. 359 Sv, geen opgave bevatten van de redenen die in het bijzonder hebben geleid tot de keuze van het opleggen van een vrijheidsbenemende straf (vgl.

Cited Case Law

AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

Nr. 12/05090 Mr. Jörg Zitting 28 januari 2014 Conclusie inzake: [verdachte] 1. Bij arrest van 30 oktober 2012 is de verdachte door het Gerechtshof Arnhem wegens (winkel)diefstal veroordeeld tot een gevangenisstraf van drie weken.

2. Namens de verdachte heeft mr E.D. van Elst, advocaat te Veenendaal, bij schriftuur een middel van cassatie voorgedragen.

3. Het middel bevat de klacht dat het Hof de straf onvoldoende heeft gemotiveerd.

4. Het hof heeft de opgelegde straf die vrijheidsbeneming medebrengt als volgt gemotiveerd: “De hierna te melden strafoplegging is in overeenstemming met de aard en de ernst van het bewezenverklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon van verdachte, zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken." 5. Het middel is terecht voorgesteld omdat bovenstaande overwegingen, in strijd met het zesde lid van art. 359 Sv, geen opgave bevatten van de redenen die in het bijzonder hebben geleid tot de keuze van het opleggen van een vrijheidsbenemende straf (vgl. onder veel meer HR 29 juni 2010, ECLI:NL:HR:2010:BL8747).

6. Deze conclusie strekt tot vernietiging van de bestreden beslissing, maar alleen ten aanzien van de strafoplegging en de motivering daarvan, en tot verwijzing van de zaak naar het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden teneinde op het bestaande hoger beroep in zoverre opnieuw te worden berecht en afgedaan. De Procureur-Generaalbij de Hoge Raad der Nederlanden Waarnemend A-G