ECLI:NL:PHR:2014:2448 · Parket bij de Hoge Raad
Legislator summary
AI generatedNr. 13/00303 Zitting: 4 november 2014 Mr. Vellinga Conclusie inzake: [verdachte] 1. Namens verdachte is beroep in cassatie ingesteld tegen het arrest van het Gerechtshof te ‘s-Hertogenbosch d.d. 26 november 2012. Er bestaat samenhang tussen de zaken met de nummers 13/00291, 13/00300 en 13/00303. In al deze zaken zal ik vandaag concluderen.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:PHR:2014:2448 · Parket bij de Hoge Raad: Ingevolge art. 437, tweede lid, Sv, dient op straffe van niet-ontvankelijkheid binnen twee maanden na betekening van de aanzegging als bedoeld in art. 435, eerste lid, Sv door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie te zijn ingediend. Nu bij de Hoge Raad niet tijdig een schriftuur is ingediend, dient verdachte niet-ontvankelijk in zijn cassatieberoep te worden verklaard.
Full text
Nr. 13/00303 Zitting: 4 november 2014 Mr. Vellinga Conclusie inzake: [verdachte] 1. Namens verdachte is beroep in cassatie ingesteld tegen het arrest van het Gerechtshof te ‘s-Hertogenbosch d.d. 26 november 2012.
2. Er bestaat samenhang tussen de zaken met de nummers 13/00291, 13/00300 en 13/00303. In al deze zaken zal ik vandaag concluderen.
3. De verdachte heeft tijdig beroep in cassatie doen instellen. Namens hem zijn geen middelen van cassatie ingediend.
4. Ingevolge art. 437, tweede lid, Sv, dient op straffe van niet-ontvankelijkheid binnen twee maanden na betekening van de aanzegging als bedoeld in art. 435, eerste lid, Sv door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie te zijn ingediend. Nu bij de Hoge Raad niet tijdig een schriftuur is ingediend, dient verdachte niet-ontvankelijk in zijn cassatieberoep te worden verklaard.
5. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van verdachte in zijn cassatieberoep. De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden AG Zie in dat verband ook de brief van verdachtes raadsman d.d. 30 december 2013 waarin wordt medegedeeld dat namens de verdachte geen schriftuur houdende middelen van cassatie zal worden ingediend.