ECLI:NL:PHR:2014:2176 · Parket bij de Hoge Raad
Legislator summary
AI generatedNr. 13/06258 Zitting: 4 november 2014 Mr. Knigge Conclusie inzake: [verdachte] 1. Het beroep in cassatie van verdachte heeft betrekking op een arrest van het Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch. 2. Het middel, dat een klacht bevat die moeilijk serieus valt te nemen, faalt omdat, zo al gezegd zou kunnen worden dat de redenen die verdachte blijkens zijn verklaring had om op de agent in te rijden weinig steekhoudend waren, dat feit niet wegneemt dat hij om die redenen op de agent is ingereden. Het voorgaande betekent dat het middel klaarblijkelijk niet tot cassatie kan leiden. 3. Op grond van het voorgaande stel ik mij op het standpunt dat het cassatieberoep met toepassing van art. 80a RO niet-ontvankelijk wordt verklaard. De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden, AG
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:PHR:2014:2176 · Parket bij de Hoge Raad: Nr. 13/06258 Zitting: 4 november 2014 Mr. Knigge Conclusie inzake: [verdachte] 1. Het beroep in cassatie van verdachte heeft betrekking op een arrest van het Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch. 2. Het middel, dat een klacht bevat die moeilijk serieus valt te nemen, faalt omdat, zo al gezegd zou kunnen worden dat de redenen die verdachte blijkens zijn verklaring had om op de agent in te rijden weinig steekhoudend waren, dat feit niet wegneemt dat hij om die redenen op de agent is ingereden. Het voorgaande betekent dat het middel klaarblijkelijk niet tot cassatie kan leiden. 3. Op grond van het voorgaande stel ik mij op het standpunt dat het cassatieberoep met toepassing van art. 80a RO niet-ontvankelijk wordt verklaard. De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden, AG
Full text
Nr. 13/06258 Zitting: 4 november 2014 Mr. Knigge Conclusie inzake: [verdachte] 1. Het beroep in cassatie van verdachte heeft betrekking op een arrest van het Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch. 2. Het middel, dat een klacht bevat die moeilijk serieus valt te nemen, faalt omdat, zo al gezegd zou kunnen worden dat de redenen die verdachte blijkens zijn verklaring had om op de agent in te rijden weinig steekhoudend waren, dat feit niet wegneemt dat hij om die redenen op de agent is ingereden. Het voorgaande betekent dat het middel klaarblijkelijk niet tot cassatie kan leiden. 3. Op grond van het voorgaande stel ik mij op het standpunt dat het cassatieberoep met toepassing van art. 80a RO niet-ontvankelijk wordt verklaard. De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden, AG