Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:PHR:2013:BY5606 ECLI:NL:PHR:2013:BY5606 AI generated

ECLI:NL:PHR:2013:BY5606 · Parket bij de Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:PHR:2013:BY5606
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Nr. 11/00493 Mr. Vellinga Zitting: 13 november 2012 Conclusie inzake: [Verdachte] 1. Verdachte is door het Gerechtshof te 's-Gravenhage wegens 1. subsidiair "Medeplegen van opzettelijk iemand wederrechtelijk van de vrijheid beroven en beroofd houden", 2. "Handelen in strijd met artikel 13, eerste lid van de Wet wapens en munitie" veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden. Voorts bevat het arrest enige bijkomende beslissingen, een en ander als in het arrest vermeld.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:PHR:2013:BY5606 · Parket bij de Hoge Raad: Nr. 11/00493 Mr. Vellinga Zitting: 13 november 2012 Conclusie inzake: [Verdachte] 1. Verdachte is door het Gerechtshof te 's-Gravenhage wegens 1. subsidiair "Medeplegen van opzettelijk iemand wederrechtelijk van de vrijheid beroven en beroofd houden", 2. "Handelen in strijd met artikel 13, eerste lid van de Wet wapens en munitie" veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden. Voorts bevat het arrest enige bijkomende beslissingen, een en ander als in het arrest vermeld.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

Nr. 11/00493 Mr. Vellinga Zitting: 13 november 2012 Conclusie inzake: [Verdachte] 1. Verdachte is door het Gerechtshof te 's-Gravenhage wegens 1. subsidiair "Medeplegen van opzettelijk iemand wederrechtelijk van de vrijheid beroven en beroofd houden", 2. "Handelen in strijd met artikel 13, eerste lid van de Wet wapens en munitie" veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden. Voorts bevat het arrest enige bijkomende beslissingen, een en ander als in het arrest vermeld.

2. Er bestaat samenhang tussen de zaken met de nummers 11/00493, 11/00359 en 10/05109. In al deze zaken zal in vandaag concluderen.

3. Namens verdachte heeft mr. M.L.M. van der Voet, advocaat te Amsterdam, twee middelen van cassatie voorgesteld.

4. De middelen kunnen niet tot cassatie leiden, nu deze niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling. Met betrekking tot het tweede middel merk ik nog op dat anders dan in de samenhangende zaak 10/05109 kan worden volstaan met verbeterde lezing van de kwalificatie.

5. De middelen kunnen worden afgedaan met de in art. 81 RO bedoelde motivering.

6. Gronden waarop de Hoge Raad gebruik zou moeten maken van zijn bevoegdheid de bestreden uitspraak ambtshalve te vernietigen heb ik niet aangetroffen. Deze conclusie strekt tot verwerping van het beroep. De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden AG