Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:PHR:2013:2343 ECLI:NL:PHR:2013:2343 AI generated

ECLI:NL:PHR:2013:2343 · Parket bij de Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:PHR:2013:2343
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Nr. 12/06003 Zitting: 26 november 2013 Mr. Aben Conclusie inzake: [verdachte] 1. Het gerechtshof te ‘s-Hertogenbosch heeft bij arrest van 18 oktober 2011 de verdachte ter zake van “witwassen” veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 281 dagen, waarvan 90 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren, met aftrek als bedoeld in art. 27 Sr, en een werkstraf voor de duur van 240 uren, subsidiair 120 dagen hechtenis. Voorts heeft het hof een telmachine en een geldbedrag van € 217.720,00 verbeurd verklaard en de teruggave aan de verdachte gelast van een aantal in het arrest vermelde voorwerpen.

Legislator headnote

AI generated

art. 27 Sr; ECLI:NL:PHR:2013:2343 · Parket bij de Hoge Raad: Nr. 12/06003 Zitting: 26 november 2013 Mr. Aben Conclusie inzake: [verdachte] 1. Het gerechtshof te ‘s-Hertogenbosch heeft bij arrest van 18 oktober 2011 de verdachte ter zake van “witwassen” veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 281 dagen, waarvan 90 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren, met aftrek als bedoeld in art. 27 Sr, en een werkstraf voor de duur van 240 uren, subsidiair 120 dagen hechtenis. Voorts heeft het hof een telmachine en een geldbedrag van € 217.720,00 verbeurd verklaard en de teruggave aan de verdachte gelast van een aantal in het arrest vermelde voorwerpen.

Keywords

AI generated
art. 27 Sr

Cited Legislation

AI generated
art. 27 Sr

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

Nr. 12/06003 Zitting: 26 november 2013 Mr. Aben Conclusie inzake: [verdachte] 1. Het gerechtshof te ‘s-Hertogenbosch heeft bij arrest van 18 oktober 2011 de verdachte ter zake van “witwassen” veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 281 dagen, waarvan 90 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren, met aftrek als bedoeld in art. 27 Sr, en een werkstraf voor de duur van 240 uren, subsidiair 120 dagen hechtenis. Voorts heeft het hof een telmachine en een geldbedrag van € 217.720,00 verbeurd verklaard en de teruggave aan de verdachte gelast van een aantal in het arrest vermelde voorwerpen.

2. Deze zaak hangt samen met de zaken [medeverdachte 3] (12/00686) en [medeverdachte 1] (11/04840), in welke zaken ik vandaag eveneens zal concluderen.

3. Namens de verdachte heeft mr. P.J.A. van de Laar, advocaat te Eindhoven, beroep in cassatie ingesteld. Namens de verdachte is geen schriftuur houdende middelen van cassatie ingediend.

4. Nu de verdachte niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft doen indienen, is niet in acht genomen het voorschrift van art. 437, tweede lid, Sv, zodat de verdachte in het beroep niet kan worden ontvangen.

5. Deze conclusie strekt ertoe dat de verdachte niet-ontvankelijk wordt verklaard in zijn cassatieberoep. De procureur-generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden, AG