Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:PHR:2012:BV9197 ECLI:NL:PHR:2012:BV9197 AI generated

ECLI:NL:PHR:2012:BV9197 · Parket bij de Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:PHR:2012:BV9197
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Nr. 11/01031 Mr. Vellinga Zitting: 7 februari 2012 Conclusie inzake: [Verdachte] 1. Verdachte is door het Gerechtshof te Amsterdam wegens "overtreding van het bepaalde bij artikel 2, eerste lid, van de Leerplichtwet 1969" veroordeeld tot een geldboete van € 250,- subsidiair 5 dagen hechtenis. 2. Er bestaat samenhang tussen de zaken met de nummers 11/01031, 11/01032 en 11/01034. In al deze zaken zal ik vandaag concluderen. 3. Namens verdachte heeft mr. P. Lesquillier, advocaat te Utrecht, twee middelen van cassatie voorgesteld. 4. Met betrekking tot de ontvankelijkheid van het onderhavige cassatieberoep merk ik het volgende op.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:PHR:2012:BV9197 · Parket bij de Hoge Raad: Nr. 11/01031 Mr. Vellinga Zitting: 7 februari 2012 Conclusie inzake: [Verdachte] 1. Verdachte is door het Gerechtshof te Amsterdam wegens "overtreding van het bepaalde bij artikel 2, eerste lid, van de Leerplichtwet 1969" veroordeeld tot een geldboete van € 250,- subsidiair 5 dagen hechtenis. 2. Er bestaat samenhang tussen de zaken met de nummers 11/01031, 11/01032 en 11/01034. In al deze zaken zal ik vandaag concluderen. 3. Namens verdachte heeft mr. P. Lesquillier, advocaat te Utrecht, twee middelen van cassatie voorgesteld. 4. Met betrekking tot de ontvankelijkheid van het onderhavige cassatieberoep merk ik het volgende op.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

Nr. 11/01031 Mr. Vellinga Zitting: 7 februari 2012 Conclusie inzake: [Verdachte] 1. Verdachte is door het Gerechtshof te Amsterdam wegens "overtreding van het bepaalde bij artikel 2, eerste lid, van de Leerplichtwet 1969" veroordeeld tot een geldboete van € 250,- subsidiair 5 dagen hechtenis. 2. Er bestaat samenhang tussen de zaken met de nummers 11/01031, 11/01032 en 11/01034. In al deze zaken zal ik vandaag concluderen. 3. Namens verdachte heeft mr. P. Lesquillier, advocaat te Utrecht, twee middelen van cassatie voorgesteld. 4. Met betrekking tot de ontvankelijkheid van het onderhavige cassatieberoep merk ik het volgende op.

Het Hof heeft de verdachte ter zake van een overtreding veroordeeld tot een geldboete van € 250,-. De verdachte kan dan ook, gelet op het bepaalde in art. 427, tweede lid, sub b Sv, niet in het beroep in cassatie worden ontvangen.(1) 5. Deze conclusie strekt ertoe dat verdachte niet-ontvankelijk zal worden verklaard in het cassatieberoep. De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden AG 1 A.J.A. van Dorst, Cassatie in strafzaken, Kluwer 2009, zesde druk, p. 49.