ECLI:NL:PHR:2012:BU4008 · Parket bij de Hoge Raad
Legislator summary
AI generatedNr. 11/02815 Mr. Machielse Zitting 8 november 2011 Conclusie inzake: [Verdachte 3](1) 1. Het Gerechtshof 's-Hertogenbosch heeft verdachte op 25 oktober 2010 voor "Mensenhandel, gepleegd door 2 of meer verenigde personen" en "Mishandeling, meermalen gepleegd" veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden, waarvan zes maanden voorwaardelijk. Voorts heeft het hof vorderingen van de benadeelde partij toegewezen en schadevergoedingsmaatregelen opgelegd zoals in het arrest omschreven.
Legislator headnote
AI generatedart. 435 Sv, art. 437 lid 2 Sv; ECLI:NL:PHR:2012:BU4008 · Parket bij de Hoge Raad: De aanzegging als bedoeld in art. 435 Sv is op 6 juli 2011 betekend. De in art. 437 lid 2 Sv gestelde termijn van twee maanden liep af op 5 september 2011. Er is gedurende deze termijn geen schriftuur houdende middelen van cassatie binnengekomen.
Keywords
AI generatedCited Legislation
AI generatedFull text
Nr. 11/02815 Mr. Machielse Zitting 8 november 2011 Conclusie inzake: [Verdachte 3](1) 1. Het Gerechtshof 's-Hertogenbosch heeft verdachte op 25 oktober 2010 voor "Mensenhandel, gepleegd door 2 of meer verenigde personen" en "Mishandeling, meermalen gepleegd" veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden, waarvan zes maanden voorwaardelijk. Voorts heeft het hof vorderingen van de benadeelde partij toegewezen en schadevergoedingsmaatregelen opgelegd zoals in het arrest omschreven.
2. Tegen deze uitspraak is namens verdachte beroep in cassatie ingesteld.
3. De aanzegging als bedoeld in art. 435 Sv is op 6 juli 2011 betekend. De in art. 437 lid 2 Sv gestelde termijn van twee maanden liep af op 5 september 2011. Er is gedurende deze termijn geen schriftuur houdende middelen van cassatie binnengekomen.
5. Nu verdachte niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft doen indienen, kan hij ingevolge art. 437 lid 2 Sv niet in zijn cassatieberoep worden ontvangen.(2) 6. Deze conclusie strekt ertoe dat de Hoge Raad verdachte niet-ontvankelijk zal verklaren in het ingestelde cassatieberoep. De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden 1 Deze zaak hangt samen met de zaken [verdachte 1], 11/02813, en [verdachte 2], 11/02814, waarin ik vandaag ook concludeer. 2 A.J.A. van Dorst, 2009. Cassatie in strafzaken, p. 74.