Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:PHR:2011:BP9352 ECLI:NL:PHR:2011:BP9352 AI generated

ECLI:NL:PHR:2011:BP9352 · Parket bij de Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:PHR:2011:BP9352
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Nr. 09/04049 Mr. Vellinga Zitting: 15 maart 2011 Conclusie inzake: [Verdachte] 1. Verdachte is door het Gerechtshof te 's-Gravenhage wegens "Als vreemdeling in Nederland verblijven, terwijl hij weet dat hij op grond van een wettelijk voorschrift tot ongewenst vreemdeling is verklaard" veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van zes maanden.

Legislator headnote

AI generated

art. 350 Sv; ECLI:NL:PHR:2011:BP9352 · Parket bij de Hoge Raad: Door bij de strafoplegging in aanmerking te nemen hetgeen het Hof uit eerdere strafzaken van de verdachte in hoger beroep ambtshalve bekend is, namelijk dat de verdachte één en andermaal heeft verklaard niet voornemens te zijn Nederland te verlaten of daartoe pogingen te ondernemen, en dit ter terechtzitting niet ter sprake te brengen heeft het Hof niet beslist "naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting" (art. 350 Sv). Daarover klaagt het middel terecht.(1) 4. Ambtshalve heb ik geen gronden aangetroffen waarop het bestreden arrest zou dienen te worden vernietigd.

Keywords

AI generated
art. 350 Sv

Cited Legislation

AI generated
art. 350 Sv

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

Nr. 09/04049 Mr. Vellinga Zitting: 15 maart 2011 Conclusie inzake: [Verdachte] 1. Verdachte is door het Gerechtshof te 's-Gravenhage wegens "Als vreemdeling in Nederland verblijven, terwijl hij weet dat hij op grond van een wettelijk voorschrift tot ongewenst vreemdeling is verklaard" veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van zes maanden.

2. Namens verdachte heeft mr. A.B. Baumgarten, advocaat te 's-Gravenhage, één middel van cassatie voorgesteld.

3. Door bij de strafoplegging in aanmerking te nemen hetgeen het Hof uit eerdere strafzaken van de verdachte in hoger beroep ambtshalve bekend is, namelijk dat de verdachte één en andermaal heeft verklaard niet voornemens te zijn Nederland te verlaten of daartoe pogingen te ondernemen, en dit ter terechtzitting niet ter sprake te brengen heeft het Hof niet beslist "naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting" (art. 350 Sv). Daarover klaagt het middel terecht.(1) 4. Ambtshalve heb ik geen gronden aangetroffen waarop het bestreden arrest zou dienen te worden vernietigd.

5. Deze conclusie strekt tot vernietiging van het bestreden arrest en tot terugwijzing van de zaak naar het Hof dan wel verwijzing van de zaak naar een aangrenzend Hof teneinde op het bestaande hoger beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan. De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden AG 1 Zie onder meer HR 25 januari 2011, LJN BO6751.