ECLI:NL:PHR:2011:BP4672 · Parket bij de Hoge Raad
Legislator summary
AI generatedNr. 10/04027 Mr. Machielse Zitting 8 februari 2011 Conclusie inzake: [Verdachte] 1. Het Gerechtshof Amsterdam heeft op 27 augustus 2010 de beschikking van de Rechtbank Amsterdam van 21 juni 2010 inhoudende de schorsing van de vervolging van verdachte op grond van artikel 16 Sv vernietigd. 2. Mr. J.H.S. Vogel, advocaat te Alkmaar heeft cassatie ingesteld. Mr. B.P. de Boer, advocaat te Amsterdam, en mr. T. de Bont, advocaat te Alkmaar, hebben een schriftuur ingezonden, houdende twee middelen van cassatie. 3. Ingevolge artikel 138 Sv was de beslissing van de rechtbank een einduitspraak(1), maar de vernietiging van die beslissing is dat niet. Krachtens artikel 428 Sv staat geen cassatieberoep open tegen de beslissing van het hof.(2) Het beroep is dus niet-ontvankelijk. 4. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van het beroep. De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden 1 Nu verdachte niet van de tenlastelegging is vrijgesproken, stond ingevolge art. 404 lid 1 Sv wel hoger beroep open tegen de einduitspraak van de rechtbank. 2 HR 16 maart 1999, NJ 1999, 369.
Legislator headnote
AI generatedartikel 16 Sv, artikel 138 Sv, artikel 428 Sv, art. 404 lid 1 Sv; ECLI:NL:PHR:2011:BP4672 · Parket bij de Hoge Raad: Nr. 10/04027 Mr. Machielse Zitting 8 februari 2011 Conclusie inzake: [Verdachte] 1. Het Gerechtshof Amsterdam heeft op 27 augustus 2010 de beschikking van de Rechtbank Amsterdam van 21 juni 2010 inhoudende de schorsing van de vervolging van verdachte op grond van artikel 16 Sv vernietigd. 2. Mr. J.H.S. Vogel, advocaat te Alkmaar heeft cassatie ingesteld. Mr. B.P. de Boer, advocaat te Amsterdam, en mr. T. de Bont, advocaat te Alkmaar, hebben een schriftuur ingezonden, houdende twee middelen van cassatie. 3. Ingevolge artikel 138 Sv was de beslissing van de rechtbank een einduitspraak(1), maar de vernietiging van die beslissing is dat niet. Krachtens artikel 428 Sv staat geen cassatieberoep open tegen de beslissing van het hof.(2) Het beroep is dus niet-ontvankelijk. 4. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van het beroep. De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden 1 Nu verdachte niet van de tenlastelegging is vrijgesproken, stond ingevolge art. 404 lid 1 Sv wel hoger beroep open tegen de einduitspraak van de rechtbank. 2 HR 16 maart 1999, NJ 1999, 369.
Keywords
AI generatedCited Legislation
AI generatedFull text
Nr. 10/04027 Mr. Machielse Zitting 8 februari 2011 Conclusie inzake: [Verdachte] 1. Het Gerechtshof Amsterdam heeft op 27 augustus 2010 de beschikking van de Rechtbank Amsterdam van 21 juni 2010 inhoudende de schorsing van de vervolging van verdachte op grond van artikel 16 Sv vernietigd. 2. Mr. J.H.S. Vogel, advocaat te Alkmaar heeft cassatie ingesteld. Mr. B.P. de Boer, advocaat te Amsterdam, en mr. T. de Bont, advocaat te Alkmaar, hebben een schriftuur ingezonden, houdende twee middelen van cassatie. 3. Ingevolge artikel 138 Sv was de beslissing van de rechtbank een einduitspraak(1), maar de vernietiging van die beslissing is dat niet. Krachtens artikel 428 Sv staat geen cassatieberoep open tegen de beslissing van het hof.(2) Het beroep is dus niet-ontvankelijk. 4. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van het beroep. De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden 1 Nu verdachte niet van de tenlastelegging is vrijgesproken, stond ingevolge art. 404 lid 1 Sv wel hoger beroep open tegen de einduitspraak van de rechtbank. 2 HR 16 maart 1999, NJ 1999, 369.