ECLI:NL:PHR:2010:BM4100 · Parket bij de Hoge Raad
Legislator summary
AI generatedNr. 08/04898 Mr. Aben Zitting 20 april 2010 Conclusie inzake: [Verdachte] 1. De verdachte is door de rechtbank te Utrecht, sector kanton te Amersfoort wegens het "niet voldoen aan een verplichting om een identiteitsbewijs ter inzage aan te bieden, hem opgelegd bij artikel 2 van de Wet op de Identificatieplicht" veroordeeld tot een geldboete van € 50,-, subsidiair één dag hechtenis. 2. Namens de verdachte heeft mr. J. Hemelaar, advocaat te Leiden, een schriftuur ingezonden houdende een middel van cassatie. 3. Blijkens een zich onder de stukken van het geding bevindende akte van uitreiking is de oproeping om op de terechtzitting van de kantonrechter van 6 november 2008 te verschijnen op 23 september 2008 in persoon aan de verdachte uitgereikt.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:PHR:2010:BM4100 · Parket bij de Hoge Raad: Nr. 08/04898 Mr. Aben Zitting 20 april 2010 Conclusie inzake: [Verdachte] 1. De verdachte is door de rechtbank te Utrecht, sector kanton te Amersfoort wegens het "niet voldoen aan een verplichting om een identiteitsbewijs ter inzage aan te bieden, hem opgelegd bij artikel 2 van de Wet op de Identificatieplicht" veroordeeld tot een geldboete van € 50,-, subsidiair één dag hechtenis. 2. Namens de verdachte heeft mr. J. Hemelaar, advocaat te Leiden, een schriftuur ingezonden houdende een middel van cassatie. 3. Blijkens een zich onder de stukken van het geding bevindende akte van uitreiking is de oproeping om op de terechtzitting van de kantonrechter van 6 november 2008 te verschijnen op 23 september 2008 in persoon aan de verdachte uitgereikt.
Full text
Nr. 08/04898 Mr. Aben Zitting 20 april 2010 Conclusie inzake: [Verdachte] 1. De verdachte is door de rechtbank te Utrecht, sector kanton te Amersfoort wegens het "niet voldoen aan een verplichting om een identiteitsbewijs ter inzage aan te bieden, hem opgelegd bij artikel 2 van de Wet op de Identificatieplicht" veroordeeld tot een geldboete van € 50,-, subsidiair één dag hechtenis. 2. Namens de verdachte heeft mr. J. Hemelaar, advocaat te Leiden, een schriftuur ingezonden houdende een middel van cassatie. 3. Blijkens een zich onder de stukken van het geding bevindende akte van uitreiking is de oproeping om op de terechtzitting van de kantonrechter van 6 november 2008 te verschijnen op 23 september 2008 in persoon aan de verdachte uitgereikt.
Ingevolge artikel 404 leden 3 en 4 Sv in samenhang met artikel 404 lid 2 aanhef en sub b Sv staat tegen voormeld vonnis geen rechtsmiddel open. De verdachte kan daarom niet in het beroep worden ontvangen. 4. Deze conclusie strekt ertoe dat de verdachte niet-ontvankelijk zal worden verklaard in het beroep. De procureur-generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden