ECLI:NL:PHR:2009:BK2964 · Parket bij de Hoge Raad
Legislator summary
AI generatedNr. 09/04378 Mr. Fokkens Parket, 3 november 2009 Conclusie inzake: [Betrokkene] 1. Bij de Hoge Raad is binnengekomen een verzoekschrift van de Hoofdofficier van Justitie te 's-Gravenhage om op de voet van art. 510 Sv een ander gerecht aan te wijzen voor de (eventuele) vervolging en berechting van [betrokkene], tot 1 oktober 2009 vice-president van de Rechtbank te [plaats].
Legislator headnote
AI generatedart. 510 Sv, art. 207 Sr, art. 225 Sr; ECLI:NL:PHR:2009:BK2964 · Parket bij de Hoge Raad: Nr. 09/04378 Mr. Fokkens Parket, 3 november 2009 Conclusie inzake: [Betrokkene] 1. Bij de Hoge Raad is binnengekomen een verzoekschrift van de Hoofdofficier van Justitie te 's-Gravenhage om op de voet van art. 510 Sv een ander gerecht aan te wijzen voor de (eventuele) vervolging en berechting van [betrokkene], tot 1 oktober 2009 vice-president van de Rechtbank te [plaats].
Keywords
AI generatedCited Legislation
AI generatedFull text
Nr. 09/04378 Mr. Fokkens Parket, 3 november 2009 Conclusie inzake: [Betrokkene] 1. Bij de Hoge Raad is binnengekomen een verzoekschrift van de Hoofdofficier van Justitie te 's-Gravenhage om op de voet van art. 510 Sv een ander gerecht aan te wijzen voor de (eventuele) vervolging en berechting van [betrokkene], tot 1 oktober 2009 vice-president van de Rechtbank te [plaats].
2. Uit het verzoekschrift blijkt dat [A] op 19 oktober 2009 aangifte heeft gedaan jegens [betrokkene]. De aangifte betreft een tweetal misdrijven, meineed (art. 207 Sr) en valsheid in geschrifte (art. 225 Sr) en houdt rechtstreeks verband met het functioneren van [betrokkene] als rechter c.q. vice-president.
3. Art. 510 Sv moet zo worden uitgelegd dat het mede toepassing vindt in het geval dat aan de van een strafbaar feit verdachte rechterlijk ambtenaar ontslag is verleend uit zijn functie vóórdat de Hoge Raad op de voet van art. 510 Sv een gerecht heeft aangewezen (HR 13 november 2001, NJ 2003, 569).
4. Ik concludeer dat de Hoge Raad de Rechtbank te Utrecht zal aanwijzen als gerecht voor hetwelk, zo het Openbaar Ministerie bij die Rechtbank zulks nodig oordeelt, de vervolging en berechting van de zaak zullen plaatshebben. De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden