Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:PHR:2007:AZ3560 ECLI:NL:PHR:2007:AZ3560 AI generated

ECLI:NL:PHR:2007:AZ3560 · Parket bij de Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:PHR:2007:AZ3560
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Nr. 00059/06 B Mr. Vellinga Zitting: 28 november 2006 Conclusie inzake: [Klaagster] 1. De Rechtbank heeft het door klaagster ingediende beklag strekkende tot teruggave aan haar van inbeslaggenomen voorwerpen, niet-ontvankelijk verklaard. Namens verdachte heeft mr. M.A.I. Witlox, advocaat te Amsterdam, één middel van cassatie voorgesteld.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:PHR:2007:AZ3560 · Parket bij de Hoge Raad: Nr. 00059/06 B Mr. Vellinga Zitting: 28 november 2006 Conclusie inzake: [Klaagster] 1. De Rechtbank heeft het door klaagster ingediende beklag strekkende tot teruggave aan haar van inbeslaggenomen voorwerpen, niet-ontvankelijk verklaard. Namens verdachte heeft mr. M.A.I. Witlox, advocaat te Amsterdam, één middel van cassatie voorgesteld.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

Nr. 00059/06 B Mr. Vellinga Zitting: 28 november 2006 Conclusie inzake: [Klaagster] 1. De Rechtbank heeft het door klaagster ingediende beklag strekkende tot teruggave aan haar van inbeslaggenomen voorwerpen, niet-ontvankelijk verklaard.

2. Namens verdachte heeft mr. M.A.I. Witlox, advocaat te Amsterdam, één middel van cassatie voorgesteld.

3. Bespreking van dat middel kan gelet op het navolgende achterwege blijven.

4. De bestreden beschikking is uitgesproken op 4 oktober 2005 en heeft betrekking op - kort gezegd - een beklag gericht tegen het uitblijven van een last tot teruggave aan klaagster van diverse voorwerpen, omschreven als etnografica.

5. De Economische Politierechter heeft bij vonnis van 9 december 2005 een beslissing genomen over de inbeslaggenomen goederen waarop het klaagschrift betrekking heeft. Die beslissing houdt in dat van een deel van de inbeslaggenomen voorwerpen de verbeurdverklaring is gelast, dat een deel onttrokken aan het verkeer is verklaard en dat van een ander deel de teruggave aan klaagster is gelast. Tegen dat vonnis is - blijkens inlichtingen van de griffier van de Rechtbank - geen rechtsmiddel ingesteld zodat het inmiddels onherroepelijk is geworden.

6. Nu inmiddels een onherroepelijke beslissing met betrekking tot het beslag is genomen, heeft klaagster geen belang meer bij dit cassatieberoep, zodat zij daarin niet-ontvankelijk verklaard zal moeten worden.(1) 7. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van klaagster in haar cassatieberoep. De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden AG 1 Vgl. HR 14 december 2004, LJN AR2036 en HR 30 augustus 2005, LJN AT7095