Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:PHR:2002:AF0222 ECLI:NL:PHR:2002:AF0222 AI generated

ECLI:NL:PHR:2002:AF0222 · Parket bij de Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:PHR:2002:AF0222
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Rek.nr. R02/071HR Mr. L. Strikwerda Parket 1 nov. 2002 Conclusie inzake [Verzoekster] Edelhoogachtbaar College, 1. Bij vonnis van 16 mei 2002 heeft de Kantonrechter te Dordrecht de bij dagvaarding van 6 november 2001 door [eiseres] tegen thans verzoekster van cassatie (hierna: [verzoekster]) ingestelde vordering tot betaling van het onbetaald gebleven gedeelte van het door [eiseres] wegens verstrekt juridisch advies aan [verzoekster] in rekening gebrachte bedrag, vermeerderd met wettelijke rente en proceskosten, na verweer van [verzoekster], toegewezen.

Legislator headnote

AI generated

art. 407 lid 1 Rv; ECLI:NL:PHR:2002:AF0222 · Parket bij de Hoge Raad: Rek.nr. R02/071HR Mr. L. Strikwerda Parket 1 nov. 2002 Conclusie inzake [Verzoekster] Edelhoogachtbaar College, 1. Bij vonnis van 16 mei 2002 heeft de Kantonrechter te Dordrecht de bij dagvaarding van 6 november 2001 door [eiseres] tegen thans verzoekster van cassatie (hierna: [verzoekster]) ingestelde vordering tot betaling van het onbetaald gebleven gedeelte van het door [eiseres] wegens verstrekt juridisch advies aan [verzoekster] in rekening gebrachte bedrag, vermeerderd met wettelijke rente en proceskosten, na verweer van [verzoekster], toegewezen.

Keywords

AI generated
art. 407 lid 1 Rv

Cited Legislation

AI generated
art. 407 lid 1 Rv
In een zodanige procedure moet cassatieberoep krachtens het bepaalde in art. 407 lid 1 Rv bij dagvaarding worden ingeleid.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

Rek.nr. R02/071HR Mr. L. Strikwerda Parket 1 nov. 2002 Conclusie inzake [Verzoekster] Edelhoogachtbaar College, 1. Bij vonnis van 16 mei 2002 heeft de Kantonrechter te Dordrecht de bij dagvaarding van 6 november 2001 door [eiseres] tegen thans verzoekster van cassatie (hierna: [verzoekster]) ingestelde vordering tot betaling van het onbetaald gebleven gedeelte van het door [eiseres] wegens verstrekt juridisch advies aan [verzoekster] in rekening gebrachte bedrag, vermeerderd met wettelijke rente en proceskosten, na verweer van [verzoekster], toegewezen.

2. Bij brief van 15 augustus 2002 heeft [verzoekster] de Hoge Raad verzocht genoemd vonnis van de Kantonrechter nietig te verklaren. 3. [Verzoekster] kan in haar verzoek, dat kennelijk ertoe strekt beroep in cassatie in te stellen tegen voormeld vonnis van de Kantonrechter, niet worden ontvangen. De bij de Kantonrechter gevoerde procedure is een dagvaardingsprocedure. In een zodanige procedure moet cassatieberoep krachtens het bepaalde in art. 407 lid 1 Rv bij dagvaarding worden ingeleid. De onder 2. genoemde brief is geen dagvaarding. De conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van [verzoekster] in haar beroep. De Procureur Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden,