ECLI:NL:PHR:2002:AD7858 · Parket bij de Hoge Raad
Legislator summary
AI generatedPROCUREUR-GENERAAL BIJ DE HOGE RAAD DER NEDERLANDEN MR. J.W. ILSINK ADVOCAAT-GENERAAL Nr. 1346 Derde Kamer B Landinrichtingswet Conclusie van 31 oktober 2001 inzake: [eiser] tegen DE LANDINRICHTINGSCOMMISSIE VOOR DE RUILVERKAVELING "WALCHEREN" 1. Bij vonnis van 28 maart 2001, nr. 117/01, heeft de arrondissementsrechtbank te Middelburg uitspraak gedaan op de bezwaren van [eiser] tegen het door de Landinrichtingscommissie voor de ruilverkaveling "Walcheren" opgestelde plan van toedeling (art. 202, onder e, jo. art. 185 Landinrichtingswet). 2. Bij brief van 11 augustus 2001, ingekomen bij de Hoge Raad op 22 augustus 2001, heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld tegen dit vonnis. 3. Ingevolge art. 202, onder f, jo. art. 186 Landinrichtingswet staat echter tegen de uitspraak van de arrondissementsrechtbank op bezwaren tegen het plan van toedeling geen rechtsmiddel open, dus ook geen beroep in cassatie. 4. Ik concludeer dan ook tot niet-ontvankelijkverklaring van [eiser] in zijn beroep in cassatie. De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden A-G
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:PHR:2002:AD7858 · Parket bij de Hoge Raad: J.W. ILSINK ADVOCAAT-GENERAAL Nr. 1346 Derde Kamer B Landinrichtingswet Conclusie van 31 oktober 2001 inzake: [eiser] tegen DE LANDINRICHTINGSCOMMISSIE VOOR DE RUILVERKAVELING "WALCHEREN" 1. Bij vonnis van 28 maart 2001, nr. 117/01, heeft de arrondissementsrechtbank te Middelburg uitspraak gedaan op de bezwaren van [eiser] tegen het door de Landinrichtingscommissie voor de ruilverkaveling "Walcheren" opgestelde plan van toedeling (art. 202, onder e, jo. art. 185 Landinrichtingswet). 2. Bij brief van 11 augustus 2001, ingekomen bij de Hoge Raad op 22 augustus 2001, heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld tegen dit vonnis. 3. Ingevolge art. 202, onder f, jo. art. 186 Landinrichtingswet staat echter tegen de uitspraak van de arrondissementsrechtbank op bezwaren tegen het plan van toedeling geen rechtsmiddel open, dus ook geen beroep in cassatie. 4. Ik concludeer dan ook tot niet-ontvankelijkverklaring van [eiser] in zijn beroep in cassatie. De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden A-G
Full text
PROCUREUR-GENERAAL BIJ DE HOGE RAAD DER NEDERLANDEN MR. J.W. ILSINK ADVOCAAT-GENERAAL Nr. 1346 Derde Kamer B Landinrichtingswet Conclusie van 31 oktober 2001 inzake: [eiser] tegen DE LANDINRICHTINGSCOMMISSIE VOOR DE RUILVERKAVELING "WALCHEREN" 1. Bij vonnis van 28 maart 2001, nr. 117/01, heeft de arrondissementsrechtbank te Middelburg uitspraak gedaan op de bezwaren van [eiser] tegen het door de Landinrichtingscommissie voor de ruilverkaveling "Walcheren" opgestelde plan van toedeling (art. 202, onder e, jo. art. 185 Landinrichtingswet). 2. Bij brief van 11 augustus 2001, ingekomen bij de Hoge Raad op 22 augustus 2001, heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld tegen dit vonnis. 3. Ingevolge art. 202, onder f, jo. art. 186 Landinrichtingswet staat echter tegen de uitspraak van de arrondissementsrechtbank op bezwaren tegen het plan van toedeling geen rechtsmiddel open, dus ook geen beroep in cassatie. 4. Ik concludeer dan ook tot niet-ontvankelijkverklaring van [eiser] in zijn beroep in cassatie. De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden A-G