ECLI:NL:OGHACMB:2022:262 · Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Legislator summary
AI generatedhet Openbaar Ministerie van Curaçao, hierna: OM, 2. de Immigratie- en Naturalisatiedienst van het Nederlandse Ministerie van Justitie en Veiligheid, hierna: IND, 3. de Minister van Justitie van Curaçao, 4. het Hoofd Burgerlijke Stand en Bevolkingsregister (basisregistratie persoonsgegevens) van Curaçao. 1Verder verloop van de procedure 1.1. Het Hof verwijst naar zijn tussenbeschikking van 21 december 2021, waarbij verzoekster in de gelegenheid is gesteld om bij akte meer (gedocumenteerde) gegevens aan te dragen met betrekking tot haar stelling dat zij bezit van staat als kind van haar verwekker heeft. 1.2.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:OGHACMB:2022:262 · Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba: de Immigratie- en Naturalisatiedienst van het Nederlandse Ministerie van Justitie en Veiligheid, hierna: IND, 3. de Minister van Justitie van Curaçao, 4. het Hoofd Burgerlijke Stand en Bevolkingsregister (basisregistratie persoonsgegevens) van Curaçao. 1Verder verloop van de procedure 1.1. Het Hof verwijst naar zijn tussenbeschikking van 21 december 2021, waarbij verzoekster in de gelegenheid is gesteld om bij akte meer (gedocumenteerde) gegevens aan te dragen met betrekking tot haar stelling dat zij bezit van staat als kind van haar verwekker heeft. 1.2.
Full text
BURGERLIJKE ZAKEN 2022 BESCHIKKING NO. Registratienr.: CUR2017H00236 Uitspraak: 26 april 2022 (bij vervroeging) GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE VAN ARUBA, CURAÇAO, SINT MAARTEN EN VAN BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA Beschikking: [Verzoekster], wonend in Curaçao, verzoekster tot vaststelling van het Nederlanderschap, gemachtigde: mr. J.C. Meulen, belanghebbenden:
1. het Openbaar Ministerie van Curaçao, hierna: OM, 2. de Immigratie- en Naturalisatiedienst van het Nederlandse Ministerie van Justitie en Veiligheid, hierna: IND, 3. de Minister van Justitie van Curaçao, 4. het Hoofd Burgerlijke Stand en Bevolkingsregister (basisregistratie persoonsgegevens) van Curaçao. 1Verder verloop van de procedure 1.1. Het Hof verwijst naar zijn tussenbeschikking van 21 december 2021, waarbij verzoekster in de gelegenheid is gesteld om bij akte meer (gedocumenteerde) gegevens aan te dragen met betrekking tot haar stelling dat zij bezit van staat als kind van haar verwekker heeft. 1.2.
Op 22 februari 2022 heeft verzoekster een akte uitlating, met producties, genomen. 1.3. Beschikking is bij vervroeging bepaald op heden. 2Beoordeling 2.1. Het OM en de IND dienen te reageren op de akte van verzoekster van 22 februari 2022, met producties, en krijgen daartoe de gelegenheid. 2.2. Het Hof attendeert erop dat in de tussenbeschikking van 21 december 2021, in rov. 2.4 viermaal voor ‘verwekker’ moet worden gelezen: erkenner. 2.3. Iedere verdere beslissing wordt aangehouden. Beslissing Het Hof: - draagt de griffier op de akte van verzoekster van 22 februari 2022, met producties, te doen toekomen aan het OM, die zal zorgdragen voor doorgeleiding naar de IND; - stelt het OM en de IND in de gelegenheid de in rov. 2.1 bedoelde antwoordakte te nemen; - verwijst de zaak daartoe naar de rolzitting van 24 mei 2022; - houdt iedere verdere beslissing aan.
Deze beschikking is gegeven door mrs. J. de Boer, F.W.J. Meijer en Th.G. Lautenbach, leden van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie, en ter openbare terechtzitting van het Hof in Curaçao op 26 april 2022 uitgesproken in tegenwoordigheid van de griffier.