Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:OGHACMB:2022:213 ECLI:NL:OGHACMB:2022:213 AI generated

ECLI:NL:OGHACMB:2022:213 · Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba

Case Number ECLI:NL:OGHACMB:2022:213
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba B E S C H I K K I N G op het verzoek tot het verkrijgen van vergunning tot het instellen van afzonderlijk hoger beroep (art. 263a Rv) in de zaak van: de naamloze vennootschap PLAYMASTER gevestigd in Sint Maarten, [Eiser], Wonende te [woonplaats], in eerste aanleg eisers, thans verzoekers, gemachtigde: mr. R.E. Duncan tegen [Gedaagde], wonende in [woonplaats], de naamloze vennootschap EUPHORIA gevestigd in Sint Maarten, de naamloze vennootschap ATLANTIS CASINO ONLINE N.V. gevestigd in Sint Maarten, in eerste aanleg gedaagden, thans verweerders, gemachtigde: mr.

Legislator headnote

AI generated

art. 263a Rv; ECLI:NL:OGHACMB:2022:213 · Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba: 263a Rv) in de zaak van: de naamloze vennootschap PLAYMASTER gevestigd in Sint Maarten, [Eiser], Wonende te [woonplaats], in eerste aanleg eisers, thans verzoekers, gemachtigde: mr. R.E. Duncan tegen [Gedaagde], wonende in [woonplaats], de naamloze vennootschap EUPHORIA gevestigd in Sint Maarten, de naamloze vennootschap ATLANTIS CASINO ONLINE N.V. gevestigd in Sint Maarten, in eerste aanleg gedaagden, thans verweerders, gemachtigde: mr.

Keywords

AI generated
art. 263a Rv

Cited Legislation

AI generated
art. 263a Rv

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba B E S C H I K K I N G op het verzoek tot het verkrijgen van vergunning tot het instellen van afzonderlijk hoger beroep (art. 263a Rv) in de zaak van: de naamloze vennootschap PLAYMASTER gevestigd in Sint Maarten, [Eiser], Wonende te [woonplaats], in eerste aanleg eisers, thans verzoekers, gemachtigde: mr. R.E. Duncan tegen [Gedaagde], wonende in [woonplaats], de naamloze vennootschap EUPHORIA gevestigd in Sint Maarten, de naamloze vennootschap ATLANTIS CASINO ONLINE N.V. gevestigd in Sint Maarten, in eerste aanleg gedaagden, thans verweerders, gemachtigde: mr.

S.R. Bommel Partijen worden hierna ook Playmaster en [eiser], [gedaagde] c.s. genoemd. 1Het verloop van de procedure 1.1. Het Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten (hierna: het Gerecht) heeft op 11 januari 2022 een tussen partijen gewezen tussenvonnis uitgesproken. 1.2. Bij op 25 januari 2022 ingediend verzoekschrift, met producties, hebben Playmaster en [eiser] het Hof verzocht hen vergunning te verlenen om afzonderlijk hoger beroep in te stellen tegen voormeld vonnis, kosten rechtens. 1.3. Op de rolzitting van 14 april 2022 hebben partijen elk een schriftelijk pleidooi ingediend. 1.4.

Beschikking is aangezegd en bepaald op heden.

2De ontvankelijkheid

Het verzoek is tijdig, binnen twee weken gerekend van de dag van de uitspraak, ingediend ter griffie van het Gerecht. Playmaster en [eiser] kunnen dus worden ontvangen in hun verzoek. 3De beoordeling 3.1. Het Hof is van oordeel dat een snelle en doelmatige procesgang niet vereist dat afzonderlijk hoger beroep tegen het vonnis van 11 januari 2022 wordt ingesteld. De verzochte vergunning zal daarom worden geweigerd. 3.2. Playmaster en [eiser] zullen als de in het ongelijk te stellen partij worden veroordeeld in de kosten aan de zijde van [gedaagde] c.s. gevallen. B E S L I S S I N G Het Hof: - weigert de verzochte vergunning; - veroordeelt Playmaster en [eiser] in de kosten aan de zijde van [gedaagde] c.s. gevallen en tot op heden begroot op NAf 1.000,- voor salaris gemachtigde. Deze beschikking is gegeven door mrs. E.A. Saleh, S. Verheijen en F.W.J. Meijer, leden van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba en uitgesproken op 8 juli 2022 in tegenwoordigheid van de griffier.