Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:OGHACMB:2013:34 ECLI:NL:OGHACMB:2013:34 AI generated

ECLI:NL:OGHACMB:2013:34 · Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba

Case Number ECLI:NL:OGHACMB:2013:34
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Datum uitspraak: 23 oktober 2013 Zaaknummer: HAR 180/13 GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE van Aruba, Curaçao en Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba BESCHIKKING gegeven op het verzoek ex artikel 43 van het Wetboek van Strafvordering, hierna: Sv, van: [verzoeker], geboren op [datum] 1967 te Curaçao, thans gedetineerd te Curaçao, hierna te noemen: verzoeker. 1Procesgang en onderzoek van de zaak 1.1 Op 15 oktober 2013 heeft de gemachtigde van verzoeker, mr. S.A.T. Ayubi-Haakmeester, een verzoekschrift ex artikel 43 Sv, met producties, ingediend gericht aan het Hof. 1.2 Het verzoek is behandeld ter zitting van het Hof op 22 oktober 2013 in Curaçao.

Legislator headnote

AI generated

artikel 43 van het Wetboek van Strafvordering, artikel 43 Sv, artikel 43 lid 3 Sv, artikel 634 Sv, artikel 43 lid 1 Sv, artikel 1:31 Sr; ECLI:NL:OGHACMB:2013:34 · Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba: 1Procesgang en onderzoek van de zaak 1.1 Op 15 oktober 2013 heeft de gemachtigde van verzoeker, mr. S.A.T. Ayubi-Haakmeester, een verzoekschrift ex artikel 43 Sv, met producties, ingediend gericht aan het Hof. 1.2 Het verzoek is behandeld ter zitting van het Hof op 22 oktober 2013 in Curaçao.

Keywords

AI generated
artikel 43 van het Wetboek van Strafvordering artikel 43 Sv artikel 43 lid 3 Sv artikel 634 Sv artikel 43 lid 1 Sv artikel 1:31 Sr

Cited Legislation

AI generated
artikel 43 van het Wetboek van Strafvordering
artikel 43 Sv
Ayubi-Haakmeester, een verzoekschrift ex artikel 43 Sv, met producties, ingediend gericht aan het Hof.
artikel 43 lid 3 Sv
Op grond van artikel 43 lid 3 Sv dient (in eerste instantie) het GEA te beslissen op het onderhavige verzoek van verzoeker met betrekking tot de tenuitvoerlegging van het ontnemingsvonnis, nu dit is gewezen door het GEA.
artikel 634 Sv
Het Hof wijst in dit verband ook op het bepaalde in artikel 634 Sv.
artikel 43 lid 1 Sv
artikel 1:31 Sr

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

Datum uitspraak: 23 oktober 2013 Zaaknummer: HAR 180/13 GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE van Aruba, Curaçao en Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba BESCHIKKING gegeven op het verzoek ex artikel 43 van het Wetboek van Strafvordering, hierna: Sv, van: [verzoeker], geboren op [datum] 1967 te Curaçao, thans gedetineerd te Curaçao, hierna te noemen: verzoeker. 1Procesgang en onderzoek van de zaak 1.1 Op 15 oktober 2013 heeft de gemachtigde van verzoeker, mr. S.A.T. Ayubi-Haakmeester, een verzoekschrift ex artikel 43 Sv, met producties, ingediend gericht aan het Hof. 1.2 Het verzoek is behandeld ter zitting van het Hof op 22 oktober 2013 in Curaçao.

Verschenen en gehoord zijn de (waarnemend) procureur-generaal, mr. A.C. van der Schans, verzoeker en zijn gemachtigde. De gemachtigde van verzoeker heeft pleitaantekeningen voorgedragen en aanvullende producties overgelegd. 1.3 Beschikking is aangezegd, waarvan de uitspraak is bepaald op heden. 2Beoordeling 2.1 Bij Ministeriële Beschikking van 10 september 2013 heeft de Minister van Justitie besloten om verzoeker, die bij vonnissen van het Hof van 27 maart 2007 en 1 september 2011 is veroordeeld tot gevangenisstraffen, ingaande 17 september 2013 voorwaardelijk in vrijheid te stellen. 2.2 Op grond van de stukken en het ter zitting verhandelde staat vast dat verzoeker na 17 september 2013 gedetineerd is gebleven, omdat thans het ontnemingsvonnis van het Gerecht in eerste aanleg van de Nederlandse Antillen, zittingsplaats Curaçao, hierna:

GEA, van 15 oktober 2008 in de zaak tegen verzoeker ten uitvoer wordt gelegd (zie productie 2 bij het verzoekschrift). Bij dat vonnis is bepaald dat voor het geval noch volledige betaling noch volledig verhaal van het verschuldigde bedrag van NAF. 500.000,- plaatsvindt, vervangende hechtenis wordt toegepast voor de duur van twee jaren. 2.3 Het onderhavige verzoek strekt ertoe dat het Hof de onmiddellijke invrijheidstelling van verzoeker beveelt. 2.4 Naar het oordeel van het Hof kan verzoeker niet in dit verzoek ex artikel 43 Sv bij het Hof worden ontvangen.

Op grond van artikel 43 lid 3 Sv dient (in eerste instantie) het GEA te beslissen op het onderhavige verzoek van verzoeker met betrekking tot de tenuitvoerlegging van het ontnemingsvonnis, nu dit is gewezen door het GEA. Het Hof wijst in dit verband ook op het bepaalde in artikel 634 Sv. 2.5 Voor zover verzoeker heeft beoogd om beslissingen genomen over zijn voorwaardelijke invrijheidstelling aan de orde te stellen in het kader van een verzoek ex artikel 43 Sv, kan verzoeker gelet op artikel 43 lid 1 Sv niet in zijn verzoek worden ontvangen, aangezien het Wetboek van Strafrecht dienaangaande een bijzondere regeling bevat (artikel 1:31 Sr e.v.). 2.6 Beslist wordt derhalve als volgt.

BESLISSING Het Hof: verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in zijn verzoek. Deze beschikking is gegeven door mrs. G.C.C. Lewin, J.P. de Haan en F.J. Lourens, leden van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie, en in tegenwoordigheid van de griffier in Curaçao uitgesproken op 23 oktober 2013.