Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:OGEAC:2025:49 ECLI:NL:OGEAC:2025:49 AI generated

ECLI:NL:OGEAC:2025:49 · Gerecht in eerste aanleg van Curaçao

Case Number ECLI:NL:OGEAC:2025:49
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN CURAÇAO Zaaknummer: CUR202500864 Vonnis in kort geding van 14 april 2025 in de zaak van [EISERES], wonend in Curaçao,eiseres, gemachtigde: mr. B. Lie-Atjam, tegen STICHTING VAKBONDSGEBOUW CURAÇAO, gevestigd in Curaçao,gedaagde, gemachtigde: mr. A.K.E. Henriquez. 1Het procesverloop 1.1. Het procesverloop blijkt uit: het verzoekschrift van 14 maart 2025, de mondelinge behandeling van 25 maart 2025, de pleitnotities van mr. Henriquez, het bericht dat partijen geen regeling hebben bereikt. 1.2. Vonnis is bepaald op vandaag. 2De beoordeling 2.1.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:OGEAC:2025:49 · Gerecht in eerste aanleg van Curaçao: Eiseres vordert in dit kort geding een bevel aan gedaagde om de keuken weer van stroom te (laten voorzien, op straffe van een dwangsom. Eiseres stelt in dit verband dat zij door het wegvallen van de stroom veel etenswaren heeft moeten weggooien en dat een behoorlijke exploitatie van haar keuken zonder stroom niet mogelijk is. 2.3. Gelet op de door eiseres gegeven toelichting, is het spoedeisend belang bij het gevorderde gegeven. Dat zij haar keuken nog steeds runt, ook zonder stroom, kan niet tot de conclusie leiden dat het voor eiseres, zoals gedaagde stelt, ‘business as usual’ is en dat het voor haar kennelijk niet van groot belang is dat er stroom is. 2.4.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN CURAÇAO Zaaknummer: CUR202500864 Vonnis in kort geding van 14 april 2025 in de zaak van [EISERES], wonend in Curaçao,eiseres, gemachtigde: mr. B. Lie-Atjam, tegen STICHTING VAKBONDSGEBOUW CURAÇAO, gevestigd in Curaçao,gedaagde, gemachtigde: mr. A.K.E. Henriquez. 1Het procesverloop 1.1. Het procesverloop blijkt uit: het verzoekschrift van 14 maart 2025, de mondelinge behandeling van 25 maart 2025, de pleitnotities van mr. Henriquez, het bericht dat partijen geen regeling hebben bereikt. 1.2. Vonnis is bepaald op vandaag. 2De beoordeling 2.1.

Eiseres huurt sinds mei 2001 bedrijfsruimte van gedaagde in het vakbondsgebouw aan de Schouwburgweg in Curacao. Eiseres exploiteert in die ruimte een keuken en verkoopt van daaruit eten aan het publiek. De huurovereenkomst bepaalt dat in de huurprijs het verbruik van water en elektra is inbegrepen. Op 5 februari 2025 is de stroomvoorziening afgebroken. In dit kort geding is niet duidelijk geworden wat daarvan de oorzaak is geweest. De stroomvoorziening is daarna niet hersteld, sommaties van eiseres en ter zitting gemaakte afspraken ten spijt. 2.2.

Eiseres vordert in dit kort geding een bevel aan gedaagde om de keuken weer van stroom te (laten voorzien, op straffe van een dwangsom. Eiseres stelt in dit verband dat zij door het wegvallen van de stroom veel etenswaren heeft moeten weggooien en dat een behoorlijke exploitatie van haar keuken zonder stroom niet mogelijk is. 2.3. Gelet op de door eiseres gegeven toelichting, is het spoedeisend belang bij het gevorderde gegeven. Dat zij haar keuken nog steeds runt, ook zonder stroom, kan niet tot de conclusie leiden dat het voor eiseres, zoals gedaagde stelt, ‘business as usual’ is en dat het voor haar kennelijk niet van groot belang is dat er stroom is. 2.4.

Partijen verwijten elkaar over en weer dat de stroomvoorziening niet is hersteld. Eiseres stelt dat gedaagde niet wil meewerken en dat gedaagde een door haar ingeschakelde elektricien de toegang tot het gebouw heeft ontzegd, terwijl gedaagde stelt dat het juist eiseres is geweest die geen toegang tot haar keuken heeft willen verschaffen. Bewijs van een en ander ontbreekt. 2.5. Gedaagde moet als verhuurder aan eiseres het huurgenot verschaffen. Daarbij hoort de mogelijkheid elektriciteit te gebruiken. Blijkens de huurovereenkomst betaalt eiseres gedaagde daar ook voor.

De omstandigheid dat het vakbondsgebouw inmiddels nagenoeg leegstaat en aan verval onderhevig is, ontslaat gedaagde niet van haar verplichtingen als verhuurder. Overeenstemming tot beëindiging van de huur is niet bereikt, althans daarvan is in dit kort geding niet gebleken, en toestemming voor opzegging van de huur door de Huurcommissie is niet verzocht en niet verleend. 2.6. Niet kan worden aangenomen dat herstel van de aansluiting in redelijkheid niet mogelijk moet worden geacht. Er is geen technische rapportage overgelegd waaruit iets dergelijks kan worden afgeleid. 2.7.

Op grond van het voorgaande zal gedaagde worden veroordeeld de stroomaansluiting te (laten) herstellen. Over de termijn waarbinnen dit moet gebeuren en over de dwangsom zal worden beslist als hierna omschreven. Uiteraard zal gedaagde niet in gebreke zijn en geen dwangsommen verbeuren indien eiseres de heraansluitingswerkzaamheden belet. Gedaagde zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de proceskosten.

3De beslissing in kort geding

Het gerecht: 3.1. beveelt gedaagde om binnen twee weken na de betekening van dit vonnis de keuken van eiseres weer van stroom te (laten) voorzien, op verbeurte van een dwangsom van Cg 250 voor iedere dag dat gedaagde in gebreke blijft aan dit bevel te voldoen, tot een maximum van Cg 25.000; 3.2. veroordeelt gedaagde in de proceskosten van Cg 450 aan griffierecht, Cg 375,93 aan oproepingskosten en Cg 1.500 voor salaris gemachtigde; 3.3. verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad; 3.4. wijst af het meer of anders gevorderde. Dit vonnis is gewezen door mr. P.E. de Kort, rechter, en op 14 april 2025 in het openbaar uitgesproken.