Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:OGEABES:2026:43 ECLI:NL:OGEABES:2026:43 AI generated

ECLI:NL:OGEABES:2026:43 · Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba

Case Number ECLI:NL:OGEABES:2026:43
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA zittingsplaats Bonaire Registratienummer: BON202500544 Datum uitspraak: 25 februari 2026 VONNIS in de zaak van [eiseres], wonende te Bonaire, eiseres, gemachtigde: mr. E. Bokkes, tegen de besloten vennootschap DE BOER BOUW & BEHEER B.V., gevestigd te Bonaire, gedaagde, niet verschenen. Partijen zullen hierna ook [eiseres] en De Boer B.V. genoemd worden. 1De procedure 1.1. Het procesverloop blijkt uit: het tussenvonnis van 17 december 2025; de akte (met producties) d.d. 28 januari 2026 van [eiseres]. 1.2.

Legislator headnote

AI generated

artikel 6:119 BW; ECLI:NL:OGEABES:2026:43 · Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba: E. Bokkes, tegen de besloten vennootschap DE BOER BOUW & BEHEER B.V., gevestigd te Bonaire, gedaagde, niet verschenen. Partijen zullen hierna ook [eiseres] en De Boer B.V. genoemd worden. 1De procedure 1.1. Het procesverloop blijkt uit: het tussenvonnis van 17 december 2025; de akte (met producties) d.d. 28 januari 2026 van [eiseres]. 1.2.

Keywords

AI generated
artikel 6:119 BW

Cited Legislation

AI generated
artikel 6:119 BW
tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW BES over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald; 4.4.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA zittingsplaats Bonaire Registratienummer: BON202500544 Datum uitspraak: 25 februari 2026 VONNIS in de zaak van [eiseres], wonende te Bonaire, eiseres, gemachtigde: mr. E. Bokkes, tegen de besloten vennootschap DE BOER BOUW & BEHEER B.V., gevestigd te Bonaire, gedaagde, niet verschenen. Partijen zullen hierna ook [eiseres] en De Boer B.V. genoemd worden. 1De procedure 1.1. Het procesverloop blijkt uit: het tussenvonnis van 17 december 2025; de akte (met producties) d.d. 28 januari 2026 van [eiseres]. 1.2.

Per abuis is De Boer B.V. in de gelegenheid gesteld een antwoordakte te nemen op de rolzitting van 25 februari 2026. Uit de overwegingen van het tussenvonnis volgt dat als uit de akte van [eiseres] zou volgen dat De Boer B.V. deugdelijk is opgeroepen en De Boer B.V. op de rolzitting van 28 januari 2026 niet zou verschijnen, tegen De Boer B.V. verstek zou worden verleend. (Verstek)vonnis is bepaald op heden. 2De vordering 2.1. [ eiseres] vordert dat het gerecht De Boer B.V. veroordeelt tot betaling van: - USD 42.100,00, te vermeerderen met de overeengekomen rente vanaf 23 juni 2025; - USD 1.260,00 aan buitengerechtelijke incassokosten; met veroordeling van De Boer B.V. in de proceskosten. 2.2. [ eiseres] voert daartoe – kort gezegd – aan dat De Boer B.V. in verzuim is ter zake van haar verplichtingen uit een koop- en aanneemovereenkomst tussen partijen. [eiseres] heeft daarom de overeenkomst ontbonden en vordert betaling van vertragingsboete en begrote herstelkosten. 3De (verdere) beoordeling 3.1. [ eiseres] heeft bij akte van 28 januari 2026 aangetoond dat zij De Boer B.V., die zij eerder al had opgeroepen op het adres uit het Handelsregister, ook nog via het mailadres van haar bestuurder en haar advocaat in kennis heeft gesteld van de onderhavige procedure en haar in de gelegenheid heeft gesteld op 28 januari 2026 te verschijnen.

De Boer B.V. is echter opnieuw niet verschenen. Tegen De Boer B.V. kan het gevraagde verstek daarom worden verleend. Dat, zoals een advocaat bij mailbericht van 6 februari 2026 heeft meegedeeld, De Boer B.V. inmiddels is ontbonden, staat aan het verlenen van verstek niet in de weg. 3.2. De vordering van [eiseres] is door De Boer B.V. niet weersproken, is – zeker met de nadere akte van [eiseres] – ook deugdelijk onderbouwd en komt het gerecht niet onrechtmatig of ongegrond voor. Ze zal daarom worden toegewezen. 3.3. De Boer B.V. zal worden veroordeeld in de proceskosten.

Deze worden begroot op USD 170,00 aan griffierecht, USD 159,00 aan kosten exploot, USD 840,00 aan salaris gemachtigde (1 punt, tarief 6), USD 140,00 aan nakosten (plus de verhoging als vermeld in de beslissing) en USD 2.371,00 aan beslagkosten. 3.4. De beslissingen in dit vonnis worden, zoals gevraagd, uitvoerbaar bij voorraad verklaard. Van kenbare bezwaren van De Boer B.V. tegen uitvoerbaar bij voorraadverklaring is niet gebleken. Dit betekent dat de beslissingen in deze uitspraak moeten worden gevolgd, ook als De Boer B.V. in verzet gaat. De beslissingen in deze uitspraak gelden in dat geval tot in de verzetprocedure een andere beslissing genomen wordt.

4De beslissing

Het gerecht, 4.1. veroordeelt De Boer B.V. om aan [eiseres] een bedrag van USD 42.100,00 te betalen, te vermeerderen met de overeengekomen rente vanaf 23 juni 2025 tot aan de dag van volledige betaling; 4.2. veroordeelt De Boer B.V. in de proceskosten, aan de zijde van [eiseres] begroot op USD 3.680,00, te vermeerderen met USD 84,00 als De Boer B.V. niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend; 4.3. veroordeelt De Boer B.V. tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW BES over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald; 4.4. verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad. Dit vonnis is gewezen door mr. R.P.P. Hoekstra, rechter, en in het openbaar uitgesproken op 25 februari 2026 in tegenwoordigheid van de griffier.