ECLI:NL:OGEAA:2020:110 · Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Legislator summary
AI generatedBeschikking van 10 maart 2020 behorend bij EJ. nr. AUA201904080 GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA BESCHIKKING op het verzoek van [verzoekster], wonende in Aruba, [adres], VERZOEKSTER, hierna: de moeder, procederend in persoon. Belanghebbenden: [naam minderjarige], de minderjarige, [naam vader], de vader, DE AMBTENAAR VAN DE BURGERLIJKE STAND, hierna: de ambtenaar, gemachtigde: mr. A. Els. 1DE PROCEDURE De procedure blijkt uit: het verzoekschrift, ingediend op 20 november 2019, het advies van de Ambtenaar van de Burgerlijke Stand, ingediend op 7 februari 2020, het verhoor van de minderjarige op 19 februari 2020, de mondelinge behandeling van 25 februari 2020, waaruit blijkt dat zijn verschenen de moeder in persoon en namens de burgerlijke stand mevrouw [naam ambtenaar].
Legislator headnote
AI generatedartikel 1:7 van het Burgerlijk Wetboek, artikel 1:7 lid 1 BW; ECLI:NL:OGEAA:2020:110 · Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba: BW). 4DE BEOORDELING 4.1 Op grond van artikel 1:7 lid 1 BW kan de geslachtsnaam van een persoon op zijn verzoek, of op verzoek van zijn wettelijke vertegenwoordiger, bij landsbesluit worden gewijzigd. Een verzoek hiertoe dient op grond van de geldende “Richtlijnen geslachtsnaamwijziging Aruba” en de “Regelen betreffende verzoeken tot naamswijziging en tot naamvaststelling Aruba’ te worden gericht aan de Gouverneur en kan worden ingediend bij de Minister van Justitie. 4.2 De moeder heeft een verzoek ingediend en gericht bij het Gerecht. Het verzoek van de moeder is dan niet-ontvankelijk. 5DE BESLISSING Het gerecht: verklaart de moeder niet-ontvankelijk in haar verzoek.
Keywords
AI generatedCited Legislation
AI generatedFull text
Beschikking van 10 maart 2020 behorend bij EJ. nr. AUA201904080 GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA BESCHIKKING op het verzoek van [verzoekster], wonende in Aruba, [adres], VERZOEKSTER, hierna: de moeder, procederend in persoon. Belanghebbenden: [naam minderjarige], de minderjarige, [naam vader], de vader, DE AMBTENAAR VAN DE BURGERLIJKE STAND, hierna: de ambtenaar, gemachtigde: mr. A. Els. 1DE PROCEDURE De procedure blijkt uit: het verzoekschrift, ingediend op 20 november 2019, het advies van de Ambtenaar van de Burgerlijke Stand, ingediend op 7 februari 2020, het verhoor van de minderjarige op 19 februari 2020, de mondelinge behandeling van 25 februari 2020, waaruit blijkt dat zijn verschenen de moeder in persoon en namens de burgerlijke stand mevrouw [naam ambtenaar].
De vader is niet verschenen. De uitspraak is bepaald op heden. 2DE FEITEN 2.1 Uit de moeder is op [geboortedatum] geboren [naam minderjarige] (hierna: de minderjarige). De minderjarige is op 30 januari 2015 erkend door de vader. De moeder oefent van rechtswege het gezag over de minderjarige uit. 2.2 De moeder en de minderjarige hebben geen contact met de vader. Alleen bij het aangaan van een DNA-onderzoek en de erkenning hadden ze contact met de vader. 3HET VERZOEK Het verzoek strekt - naar het gerecht begrijpt - tot wijziging van de geslachtsnaam van de minderjarige als bedoeld in artikel 1:7 van het Burgerlijk Wetboek (hierna:
BW). 4DE BEOORDELING 4.1 Op grond van artikel 1:7 lid 1 BW kan de geslachtsnaam van een persoon op zijn verzoek, of op verzoek van zijn wettelijke vertegenwoordiger, bij landsbesluit worden gewijzigd. Een verzoek hiertoe dient op grond van de geldende “Richtlijnen geslachtsnaamwijziging Aruba” en de “Regelen betreffende verzoeken tot naamswijziging en tot naamvaststelling Aruba’ te worden gericht aan de Gouverneur en kan worden ingediend bij de Minister van Justitie. 4.2 De moeder heeft een verzoek ingediend en gericht bij het Gerecht. Het verzoek van de moeder is dan niet-ontvankelijk. 5DE BESLISSING Het gerecht: verklaart de moeder niet-ontvankelijk in haar verzoek.
Deze beschikking is gegeven door mr. J.M.J. Keltjens, rechter in dit gerecht, in aanwezigheid van de griffier.