Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:OGEAA:2019:345 ECLI:NL:OGEAA:2019:345 AI generated

ECLI:NL:OGEAA:2019:345 · Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Case Number ECLI:NL:OGEAA:2019:345
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Beschikking van 11 juni 2019 Behorend bij EJ nr. AUA201802736 GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA BESCHIKKING op het verzoek van [Verzoeker], wonende inAruba, VERZOEK, hierna te noemen: de vader, gemachtigde: de advocaat mr. E.E. Rosenstand, tegen [Verweerster], wonende inAruba, VERWEER, hierna te noemen: de moeder, procederende in persoon. Belanghebbende: [minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2006 in Aruba, de minderjarige. 1DE PROCEDURE Het eerdere verloop van de procedure blijkt uit het proces-verbaal van dit gerecht van 20 november 2018, waarbij de Voogdijraad is verzocht een onderzoek in te stellen ter beantwoording van de vraag of in dit geval een onaanvaardbaar risico voor de minderjarige bestaat dat hij klem of verloren zou raken tussen de ouders indien zij het gezag gezamenlijk zouden uitoefenen, en daarover te rapporteren.

Legislator headnote

AI generated

artikel 1:253o van het Burgerlijk Wetboek; ECLI:NL:OGEAA:2019:345 · Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba: VERDERE BEOORDELING 2.1 Zoals het gerecht reeds heeft overwogen is het verzoek gebaseerd op artikel 1:253o van het Burgerlijk Wetboek van Aruba (hierna: BW). 2.2 De Voogdijraad heeft geadviseerd partijen gezamenlijk met het ouderlijk gezag over de minderjarige te belasten, nu de moeder met het verzoek heeft ingestemd en partijen goed met elkaar kunnen communiceren. 2.3 Ter zitting heeft de moeder te kennen gegeven dat de minderjarige graag zijn vader in zijn leven wil hebben en dat het contact tussen de minderjarige en de vader en tussen haar en de vader goed verloopt.

Keywords

AI generated
artikel 1:253o van het Burgerlijk Wetboek

Cited Legislation

AI generated
artikel 1:253o van het Burgerlijk Wetboek
VERDERE BEOORDELING 2.1 Zoals het gerecht reeds heeft overwogen is het verzoek gebaseerd op artikel 1:253o van het Burgerlijk Wetboek van Aruba (hierna: BW).

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

Beschikking van 11 juni 2019 Behorend bij EJ nr. AUA201802736 GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA BESCHIKKING op het verzoek van [Verzoeker], wonende inAruba, VERZOEK, hierna te noemen: de vader, gemachtigde: de advocaat mr. E.E. Rosenstand, tegen [Verweerster], wonende inAruba, VERWEER, hierna te noemen: de moeder, procederende in persoon. Belanghebbende: [minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2006 in Aruba, de minderjarige. 1DE PROCEDURE Het eerdere verloop van de procedure blijkt uit het proces-verbaal van dit gerecht van 20 november 2018, waarbij de Voogdijraad is verzocht een onderzoek in te stellen ter beantwoording van de vraag of in dit geval een onaanvaardbaar risico voor de minderjarige bestaat dat hij klem of verloren zou raken tussen de ouders indien zij het gezag gezamenlijk zouden uitoefenen, en daarover te rapporteren.

Het verdere verloop van de procedure blijkt uit: - het rapport van de Voogdijraad van 20 februari 2019; - de mondelinge behandeling ter zitting met gesloten deuren van 30 april 2019, waar partijen in persoon zijn verschenen. Namens de Voogdijraad was de raadsonderzoeker, mevrouw [raadsonderzoekster], aanwezig. De uitspraak is bepaald op heden.

2. VERDERE BEOORDELING 2.1 Zoals het gerecht reeds heeft overwogen is het verzoek gebaseerd op artikel 1:253o van het Burgerlijk Wetboek van Aruba (hierna: BW). 2.2 De Voogdijraad heeft geadviseerd partijen gezamenlijk met het ouderlijk gezag over de minderjarige te belasten, nu de moeder met het verzoek heeft ingestemd en partijen goed met elkaar kunnen communiceren. 2.3 Ter zitting heeft de moeder te kennen gegeven dat de minderjarige graag zijn vader in zijn leven wil hebben en dat het contact tussen de minderjarige en de vader en tussen haar en de vader goed verloopt.

Zij is het nu eens met het verzoek om gezamenlijk met de vader het gezag uit te oefenen. 2.4 Gelet hierop zal het gerecht dienovereenkomstig beslissen. 3DE BESLISSING Het gerecht: wijzigt de beschikking van dit gerecht van 28 februari 2011 (EJ nr. 2514 van 2010) in die zin, dat de vader, [verzoeker], voortaan gezamenlijk met de moeder, [verweerster], het gezag over [minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2006 in Aruba, zal uitoefenen, verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad. Deze beschikking is gegeven door mr. N.K. Engelbrecht, rechter in dit gerecht, ter zitting van 11 juni 2019 in aanwezigheid van de griffier.