ECLI:NL:OGEAA:2017:435 · Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Legislator summary
AI generatedVonnis van 31 mei 2017 Behorend bij A.R. no. 2195 van 2015 GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA VONNIS in de zaak van: de naamloze vennootschap ROMAR TRADING COMPANY N.V., gevestigd in Aruba, eiseres, hierna ook te noemen: Romar, gemachtigde: de advocaat mr. W.G.T.M. Kloes, tegen: [naam gedaagde], wonende in Aruba, gedaagde, hierna ook te noemen: G*, gemachtigde: de advocaat mr. J.A.R. Bryson. 1DE PROCEDURE 1.1 Het verloop van de procedure tot 1 februari 2017 blijkt uit het tussenvonnis van dit Gerecht van die datum. Het verdere verloop van de procedure blijkt uit het schrijven van (de gemachtigde van) Romar, waaruit blijkt dat Romar geen gebruik wenst te maken van de aan haar geboden gelegenheid tot levering van getuigenbewijs. 1.2 Vonnis is nader bepaald op heden. 2DE VERDERE BEOORDELING 2.1 Het Gerecht volhardt in zijn in de tussenvonnissen neergelegde overwegingen en beslissingen. 2.2 Onder verwijzing naar rechtsoverweging 2.2 van het tussenvonnis van 1 februari 2017 zal de vordering van Romar worden toegewezen als na te melden. 2.3 In de omstandigheid dat partijen over en weer in het (on)gelijk zijn gesteld, ziet het Gerecht aanleiding om de proceskosten te compenseren tussen partijen aldus dat ieder van hen de eigen kosten draagt. 3DE UITSPRAAK Het Gerecht: -veroordeelt G* om ten titel van schadevergoeding te betalen aan Romar Afl. 7.235,56, te vermeerderen met wettelijke rente gerekend vanaf 26 juni 2015 tot aan de dag der algehele voldoening; -verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad; -compenseert de kosten van deze procedure tussen partijen, aldus dat ieder van hen de eigen kosten draagt; -wijst af het meer of anders verzochte.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:OGEAA:2017:435 · Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba: Dit vonnis is gewezen door mr. A.H.M. van de Leur, rechter, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 31 mei 2017 in aanwezigheid van de griffier.
Full text
Vonnis van 31 mei 2017 Behorend bij A.R. no. 2195 van 2015 GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA VONNIS in de zaak van: de naamloze vennootschap ROMAR TRADING COMPANY N.V., gevestigd in Aruba, eiseres, hierna ook te noemen: Romar, gemachtigde: de advocaat mr. W.G.T.M. Kloes, tegen: [naam gedaagde], wonende in Aruba, gedaagde, hierna ook te noemen: G*, gemachtigde: de advocaat mr. J.A.R. Bryson. 1DE PROCEDURE 1.1 Het verloop van de procedure tot 1 februari 2017 blijkt uit het tussenvonnis van dit Gerecht van die datum. Het verdere verloop van de procedure blijkt uit het schrijven van (de gemachtigde van) Romar, waaruit blijkt dat Romar geen gebruik wenst te maken van de aan haar geboden gelegenheid tot levering van getuigenbewijs. 1.2 Vonnis is nader bepaald op heden. 2DE VERDERE BEOORDELING 2.1 Het Gerecht volhardt in zijn in de tussenvonnissen neergelegde overwegingen en beslissingen. 2.2 Onder verwijzing naar rechtsoverweging 2.2 van het tussenvonnis van 1 februari 2017 zal de vordering van Romar worden toegewezen als na te melden. 2.3 In de omstandigheid dat partijen over en weer in het (on)gelijk zijn gesteld, ziet het Gerecht aanleiding om de proceskosten te compenseren tussen partijen aldus dat ieder van hen de eigen kosten draagt. 3DE UITSPRAAK Het Gerecht: -veroordeelt G* om ten titel van schadevergoeding te betalen aan Romar Afl. 7.235,56, te vermeerderen met wettelijke rente gerekend vanaf 26 juni 2015 tot aan de dag der algehele voldoening; -verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad; -compenseert de kosten van deze procedure tussen partijen, aldus dat ieder van hen de eigen kosten draagt; -wijst af het meer of anders verzochte.
Dit vonnis is gewezen door mr. A.H.M. van de Leur, rechter, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 31 mei 2017 in aanwezigheid van de griffier.