ECLI:NL:OGEAA:2016:65 · Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Legislator summary
AI generatedVonnis van 10 februari 2016 Behorend bij A.R. 1285 van 2015 GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA VONNIS in de zaak van: de stichting FUNDACION CAS PA COMUNIDAD ARUBANO, te Aruba, hierna ook te noemen: FCCA, gemachtigde: de advocaat mr. W.G.T.M. Kloes, tegen: [naam], te Aruba, hierna ook te noemen: G*, procederend in persoon. 1DE VERDERE PROCEDURE Het verloop van de procedure blijkt uit: - het verzoekschrift; - de comparitie van partijen en de daarvan gemaakte aantekeningen. De zaak is daarna verwezen naar de rol voor vonnis. 2DE VASTSTAANDE FEITEN 2.1 Tussen FCCA en G* is een overeenkomst van geldlening gesloten. 3DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN 3.1 FCCA vordert – uitvoerbaar bij voorraad – veroordeling van G* tot betaling van Afl. 11.104,12, te vermeerderen met Afl. 941,12 per maand vanaf 1 mei 2015, met veroordeling van G* tot vergoeding van de proceskosten. 3.2 FCCA grondt de vordering erop dat G* tekortschiet in de nakoming van de uit de overeenkomst voortvloeiende betalingsverplichtingen. 3.3 G* voert hiertegen verweer. 4DE BEOORDELING 4.1 G* verzet zich niet langer tegen toewijzing van de vordering. 4.2 FCCA zegt toe met G* te zullen bekijken wat een haalbare betalingsregeling is in verband met het beslag. 4.3 Als de in het ongelijk te stellen partij zal G* tot vergoeding van de proceskosten van FCCA worden veroordeeld. 5DE UITSPRAAK De rechter in dit gerecht: veroordeelt G* tot betaling aan FCCA van een bedrag van Afl. 11.104,12, te vermeerderen met Afl. 941,12 per maand vanaf 1 mei 2015; veroordeelt G* in de kosten van de procedure, die tot de datum van uitspraak aan de kant van FCCA worden begroot op Afl. 750, aan griffierecht, Afl. 868,40 aan explootkosten en Afl. 1.500, aan salaris van de gemachtigde; verklaart de veroordelingen in dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad; wijst het meer of anders gevorderde af.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:OGEAA:2016:65 · Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba: Dit vonnis is gewezen door mr. W.J. Noordhuizen, rechter in dit gerecht, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 10 februari 2016 in aanwezigheid van de griffier.
Full text
Vonnis van 10 februari 2016 Behorend bij A.R. 1285 van 2015 GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA VONNIS in de zaak van: de stichting FUNDACION CAS PA COMUNIDAD ARUBANO, te Aruba, hierna ook te noemen: FCCA, gemachtigde: de advocaat mr. W.G.T.M. Kloes, tegen: [naam], te Aruba, hierna ook te noemen: G*, procederend in persoon. 1DE VERDERE PROCEDURE Het verloop van de procedure blijkt uit: - het verzoekschrift; - de comparitie van partijen en de daarvan gemaakte aantekeningen. De zaak is daarna verwezen naar de rol voor vonnis. 2DE VASTSTAANDE FEITEN 2.1 Tussen FCCA en G* is een overeenkomst van geldlening gesloten. 3DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN 3.1 FCCA vordert – uitvoerbaar bij voorraad – veroordeling van G* tot betaling van Afl. 11.104,12, te vermeerderen met Afl. 941,12 per maand vanaf 1 mei 2015, met veroordeling van G* tot vergoeding van de proceskosten. 3.2 FCCA grondt de vordering erop dat G* tekortschiet in de nakoming van de uit de overeenkomst voortvloeiende betalingsverplichtingen. 3.3 G* voert hiertegen verweer. 4DE BEOORDELING 4.1 G* verzet zich niet langer tegen toewijzing van de vordering. 4.2 FCCA zegt toe met G* te zullen bekijken wat een haalbare betalingsregeling is in verband met het beslag. 4.3 Als de in het ongelijk te stellen partij zal G* tot vergoeding van de proceskosten van FCCA worden veroordeeld. 5DE UITSPRAAK De rechter in dit gerecht: veroordeelt G* tot betaling aan FCCA van een bedrag van Afl. 11.104,12, te vermeerderen met Afl. 941,12 per maand vanaf 1 mei 2015; veroordeelt G* in de kosten van de procedure, die tot de datum van uitspraak aan de kant van FCCA worden begroot op Afl. 750, aan griffierecht, Afl. 868,40 aan explootkosten en Afl. 1.500, aan salaris van de gemachtigde; verklaart de veroordelingen in dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad; wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. W.J. Noordhuizen, rechter in dit gerecht, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 10 februari 2016 in aanwezigheid van de griffier.