ECLI:NL:OGEAA:2016:445 · Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Legislator summary
AI generatedVonnis van 29 juni 2016 Behorend bij B.B. 2080 van 2015 GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA VONNIS in de zaak van: [naam], wonende te Aruba, hierna ook te noemen: E*, procederend in persoon, tegen: [naam] wonende te Aruba, hierna ook te noemen: G*, procederend in persoon. 1DE VERDERE PROCEDURE Het verloop van de verdere procedure blijkt uit: Het tussenvonnis d.d. 20 april 2016; De akte niet dienen jegens E*. De zaak is daarna verwezen naar de rol voor vonnis. 2DE VERDERE BEOORDELING 2.1 Bij rolbeschikking van 20 april 2016 is de zaak verwezen naar de rolzitting van 18 mei 2016 voor conclusie van repliek.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:OGEAA:2016:445 · Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba: 2080 van 2015 GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA VONNIS in de zaak van: [naam], wonende te Aruba, hierna ook te noemen: E*, procederend in persoon, tegen: [naam] wonende te Aruba, hierna ook te noemen: G*, procederend in persoon. 1DE VERDERE PROCEDURE Het verloop van de verdere procedure blijkt uit: Het tussenvonnis d.d. 20 april 2016; De akte niet dienen jegens E*. De zaak is daarna verwezen naar de rol voor vonnis. 2DE VERDERE BEOORDELING 2.1 Bij rolbeschikking van 20 april 2016 is de zaak verwezen naar de rolzitting van 18 mei 2016 voor conclusie van repliek.
Full text
Vonnis van 29 juni 2016 Behorend bij B.B. 2080 van 2015 GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA VONNIS in de zaak van: [naam], wonende te Aruba, hierna ook te noemen: E*, procederend in persoon, tegen: [naam] wonende te Aruba, hierna ook te noemen: G*, procederend in persoon. 1DE VERDERE PROCEDURE Het verloop van de verdere procedure blijkt uit: Het tussenvonnis d.d. 20 april 2016; De akte niet dienen jegens E*. De zaak is daarna verwezen naar de rol voor vonnis. 2DE VERDERE BEOORDELING 2.1 Bij rolbeschikking van 20 april 2016 is de zaak verwezen naar de rolzitting van 18 mei 2016 voor conclusie van repliek.
E* is ter zitting niet verschenen, noch heeft zij een conclusie van repliek genomen. 2.2 Nu E* - ondanks het gemotiveerde verweer van G* - haar pretense vordering niet met verifieerbare stukken heeft geadstrueerd, wordt deze als niet dan wel onvoldoende feitelijk onderbouwd afgewezen. 2.3 E* wordt nu zij in het ongelijk is gesteld in de kosten van de procedure veroordeeld, welke aan de zijde van G* op nihil worden gesteld. 3DE UITSPRAAK De rechter in dit gerecht: 3.1 wijst de vordering af; 3.2 veroordeelt E* in de kosten van de procedure, welke aan de zijde van G* worden begroot op nihil.
Dit vonnis is gewezen door mr. Y.M. Vanwersch, rechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 29 juni 2016 in tegenwoordigheid van de griffier