Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:OGEAA:2011:BQ4566 ECLI:NL:OGEAA:2011:BQ4566 AI generated

ECLI:NL:OGEAA:2011:BQ4566 · Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Case Number ECLI:NL:OGEAA:2011:BQ4566
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Het verdere verloop van de procedure Naar aanleiding van het door dit Hof in deze zaak gewezen tussenvonnis van 28 januari 2011 hebben beide partijen een akte genomen, waarna is bepaald dat vonnis zal worden gewezen, waarvan de uitspraak is bepaald op heden. Ontvankelijkheid Het Hof heeft in genoemd vonnis partijen in staat gesteld om zich uit te laten over, kort gezegd, de vraag wanneer het door de griffier getaxeerde bedrag van, onder meer, het vast recht is betaald. TSS heeft niet voldoende feitelijk onderbouwd gesteld dat zij dit vast recht tijdig, dus niet later dan 13 januari 2010, heeft betaald. In beginsel is het hoger beroep op de voet van art. 270 lid 5 Rv dus vervallen. Voor zover TSS in de door haar genomen akte nog heeft willen stellen dat de griffier dan de aantekening in het algemeen register had moeten doorhalen en de zaak niet had mogen doorsturen naar het Hof, is die stelling juist, doch het feit dat dit niet is geschied brengt niet met zich dat het hoger beroep niet is vervallen.

Legislator headnote

AI generated

art. 270 lid 5 Rv; ECLI:NL:OGEAA:2011:BQ4566 · Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba: Ontvankelijkheid Het Hof heeft in genoemd vonnis partijen in staat gesteld om zich uit te laten over, kort gezegd, de vraag wanneer het door de griffier getaxeerde bedrag van, onder meer, het vast recht is betaald. TSS heeft niet voldoende feitelijk onderbouwd gesteld dat zij dit vast recht tijdig, dus niet later dan 13 januari 2010, heeft betaald. In beginsel is het hoger beroep op de voet van art. 270 lid 5 Rv dus vervallen. Voor zover TSS in de door haar genomen akte nog heeft willen stellen dat de griffier dan de aantekening in het algemeen register had moeten doorhalen en de zaak niet had mogen doorsturen naar het Hof, is die stelling juist, doch het feit dat dit niet is geschied brengt niet met zich dat het hoger beroep niet is vervallen.

Keywords

AI generated
art. 270 lid 5 Rv

Cited Legislation

AI generated
art. 270 lid 5 Rv
In beginsel is het hoger beroep op de voet van art. 270 lid 5 Rv dus vervallen.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

BURGERLIJKE ZAKEN OVER 2011 UITSPRAAK: 15 april 2011 ZAAKNR.: AR 64/09-H-148/10 (vonnis GEA vermeldt KG 64/09) GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba Vonnis in kort geding in de zaak van: de naamloze vennootschap TRI-MARINE SCHIPPING SERVICES N.V. (hierna TSS), gevestigd op Sint Eustatius, voorheen eiseres, thans appellante, gemachtigde: Edwin I. Maduro, tegen de vennootschap naar vreemd recht COLOURED FIN LIMITED (hierna CFL), gevestigd in Trinidad, voorheen gedaagde, thans geïntimeerde, gemachtigde: mr. J. Essed.

1. Het verdere verloop van de procedure Naar aanleiding van het door dit Hof in deze zaak gewezen tussenvonnis van 28 januari 2011 hebben beide partijen een akte genomen, waarna is bepaald dat vonnis zal worden gewezen, waarvan de uitspraak is bepaald op heden.

2. Ontvankelijkheid Het Hof heeft in genoemd vonnis partijen in staat gesteld om zich uit te laten over, kort gezegd, de vraag wanneer het door de griffier getaxeerde bedrag van, onder meer, het vast recht is betaald. TSS heeft niet voldoende feitelijk onderbouwd gesteld dat zij dit vast recht tijdig, dus niet later dan 13 januari 2010, heeft betaald. In beginsel is het hoger beroep op de voet van art. 270 lid 5 Rv dus vervallen. Voor zover TSS in de door haar genomen akte nog heeft willen stellen dat de griffier dan de aantekening in het algemeen register had moeten doorhalen en de zaak niet had mogen doorsturen naar het Hof, is die stelling juist, doch het feit dat dit niet is geschied brengt niet met zich dat het hoger beroep niet is vervallen.

Gelet op de tekst van art. 270 lid 5 Rv vervalt het beroep immers van rechtswege en niet door een handeling door de griffier. Het Hof komt dan ook tot de conclusie dat het hoger beroep is vervallen. De grieven behoeven aldus geen beoordeling en TSS wordt veroordeeld in de aan de zij-de van CFL gerezen proceskosten. BESLISSING: Het Hof: verstaat dat het hoger beroep is vervallen; draagt de griffier op de aantekening van het hoger beroep in het algemeen register door te halen; veroordeelt TSS in de aan de zijde van CFL gerezen proceskosten, tot op heden begroot op NAF. 219,50 kosten betekening memorie van antwoord en NAF. 3.400,- voor salaris gemachtigde.

Dit vonnis is gewezen door mrs. J.R. Sijmonsma, F.J.P. Lock en E.M. van der Bunt, le-den van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie en ter openbare terechtzitting van het Hof in Sint Maarten uitgesproken op 15 april 2011 in tegenwoordigheid van de griffier.