Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2026:517 ECLI:NL:HR:2026:517 AI generated

ECLI:NL:HR:2026:517 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2026:517
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN STRAFKAMER Nummer 25/00144 B Datum 31 maart 2026 BESCHIKKING op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de rechtbank Noord-Nederland van 18 december 2024, nummer RK 24/021503, op een beklag op grond van artikel 5.5.12 van het Wetboek van Strafvordering, ingediend door [veroordeelde], geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1999, hierna: de veroordeelde.

Legislator headnote

AI generated

artikel 5.5.12 van het Wetboek van Strafvordering; ECLI:NL:HR:2026:517 · Hoge Raad: HOGE RAAD DER NEDERLANDEN STRAFKAMER Nummer 25/00144 B Datum 31 maart 2026 BESCHIKKING op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de rechtbank Noord-Nederland van 18 december 2024, nummer RK 24/021503, op een beklag op grond van artikel 5.5.12 van het Wetboek van Strafvordering, ingediend door [veroordeelde], geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1999, hierna: de veroordeelde.

Keywords

AI generated
artikel 5.5.12 van het Wetboek van Strafvordering

Cited Legislation

AI generated
artikel 5.5.12 van het Wetboek van Strafvordering

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN STRAFKAMER Nummer 25/00144 B Datum 31 maart 2026 BESCHIKKING op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de rechtbank Noord-Nederland van 18 december 2024, nummer RK 24/021503, op een beklag op grond van artikel 5.5.12 van het Wetboek van Strafvordering, ingediend door [veroordeelde], geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1999, hierna: de veroordeelde.

1Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de veroordeelde. Namens deze heeft de advocaat V.S.J. Chorus bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De advocaat-generaal T.N.B.M. Spronken heeft geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring van de veroordeelde in het cassatieberoep. 2Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep De Hoge Raad kan het cassatieberoep van de veroordeelde niet in behandeling nemen. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal onder 3.1 tot en met 3.4. 3Beslissing De Hoge Raad verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Deze beschikking is gegeven door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren A.L.J. van Strien en C.N. Dalebout, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P.J. Lugtenburg, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 31 maart 2026.