Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2026:476 ECLI:NL:HR:2026:476 AI generated

ECLI:NL:HR:2026:476 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2026:476
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN STRAFKAMER Nummer 24/03219 Datum 24 maart 2026 ARREST op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Den Haag van 8 augustus 2024, nummer 22-002748-22, in de strafzaak tegen [verdachte], geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1995, hierna: de verdachte.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2026:476 · Hoge Raad: HOGE RAAD DER NEDERLANDEN STRAFKAMER Nummer 24/03219 Datum 24 maart 2026 ARREST op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Den Haag van 8 augustus 2024, nummer 22-002748-22, in de strafzaak tegen [verdachte], geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1995, hierna: de verdachte.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN STRAFKAMER Nummer 24/03219 Datum 24 maart 2026 ARREST op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Den Haag van 8 augustus 2024, nummer 22-002748-22, in de strafzaak tegen [verdachte], geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1995, hierna: de verdachte.

1Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben de advocaten J.E. Kötter en J.L. L’Homme bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De advocaat-generaal V.M.A. Sinnige heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak, maar uitsluitend wat betreft de strafoplegging, en tot terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof Den Haag, teneinde in zoverre op het bestaande beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan. 2Beoordeling van het cassatiemiddel 2.1 Het cassatiemiddel klaagt dat het hof een wettelijk niet toegestane combinatie van straffen heeft opgelegd. 2.2 Het cassatiemiddel slaagt.

De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal. 3Beslissing De Hoge Raad: - vernietigt de uitspraak van het hof, maar uitsluitend wat betreft de strafoplegging, met uitzondering van de schadevergoedingsmaatregel; - wijst de zaak terug naar het gerechtshof Den Haag, opdat de zaak ten aanzien daarvan opnieuw wordt berecht en afgedaan; - verwerpt het beroep voor het overige. Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren C.N. Dalebout en F. Posthumus, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 24 maart 2026.