ECLI:NL:HR:2026:215 · Hoge Raad
Legislator summary
AI generatedHOGE RAAD DER NEDERLANDEN STRAFKAMER Nummer 24/03226 Datum 10 februari 2026 ARREST op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 14 augustus 2024, nummer 21-004030-23, in de strafzaak tegen [verdachte] , geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1976, hierna: de verdachte.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:HR:2026:215 · Hoge Raad: HOGE RAAD DER NEDERLANDEN STRAFKAMER Nummer 24/03226 Datum 10 februari 2026 ARREST op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 14 augustus 2024, nummer 21-004030-23, in de strafzaak tegen [verdachte] , geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1976, hierna: de verdachte.
Full text
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN STRAFKAMER Nummer 24/03226 Datum 10 februari 2026 ARREST op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 14 augustus 2024, nummer 21-004030-23, in de strafzaak tegen [verdachte] , geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1976, hierna: de verdachte.
1Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben de advocaten R.J. Baumgardt en M.J. van Berlo bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De advocaat-generaal V.M.A. Sinnige heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. 2Beoordeling van het cassatiemiddel 2.1 Het cassatiemiddel klaagt over (de motivering van) het in de zaak met parketnummer 05104661-23 bewezenverklaarde. 2.2 Het cassatiemiddel leidt niet tot cassatie. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal. 3Beslissing De Hoge Raad verwerpt het beroep. Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren C.N. Dalebout en F. Posthumus, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 10 februari 2026.