Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2026:153 ECLI:NL:HR:2026:153 AI generated

ECLI:NL:HR:2026:153 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2026:153
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN STRAFKAMER Nummer 23/04900 Datum 10 februari 2026 ARREST op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 13 december 2023, nummer 20-002352-21, in de strafzaak tegen [verdachte] , geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1985, hierna: de verdachte.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2026:153 · Hoge Raad: HOGE RAAD DER NEDERLANDEN STRAFKAMER Nummer 23/04900 Datum 10 februari 2026 ARREST op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 13 december 2023, nummer 20-002352-21, in de strafzaak tegen [verdachte] , geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1985, hierna: de verdachte.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN STRAFKAMER Nummer 23/04900 Datum 10 februari 2026 ARREST op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 13 december 2023, nummer 20-002352-21, in de strafzaak tegen [verdachte] , geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1985, hierna: de verdachte.

1Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben de advocaten R.J. Baumgardt en M.J. van Berlo bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De advocaat-generaal M.E. van Wees heeft geconcludeerd tot vernietiging van het bestreden arrest, maar uitsluitend voor wat betreft de beslissingen ten aanzien van het onder 7 subsidiair tenlastegelegde feit en de strafoplegging, met uitzondering van de vrijheidsbeperkende maatregel voor zover die betrekking heeft op het contactverbod met [betrokkene] , en tot terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof ’s-Hertogenbosch teneinde op het bestaande beroep in zoverre opnieuw te worden berecht en afgedaan. 2Beoordeling van het cassatiemiddel 2.1 Het cassatiemiddel klaagt onder meer over de verwerping door het hof van het beroep op noodweer. 2.2 Het cassatiemiddel slaagt.

De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal onder 2.7 en 2.8. 3Beslissing De Hoge Raad: - vernietigt de uitspraak van het hof, maar uitsluitend wat betreft de beslissingen over het onder 7 subsidiair tenlastegelegde en de strafoplegging; - wijst de zaak terug naar het gerechtshof ’s-Hertogenbosch, opdat de zaak ten aanzien daarvan opnieuw wordt berecht en afgedaan. Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren C.N. Dalebout en F. Posthumus, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 10 februari 2026.