Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2026:1107 ECLI:NL:HR:2026:1107 AI generated

ECLI:NL:HR:2026:1107 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2026:1107
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN STRAFKAMER Nummer 25/03284 Datum 7 juli 2026 ARREST op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 3 september 2025, nummer 21-004513-23, in de strafzaak tegen [verdachte], geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1976, hierna: de verdachte.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2026:1107 · Hoge Raad: HOGE RAAD DER NEDERLANDEN STRAFKAMER Nummer 25/03284 Datum 7 juli 2026 ARREST op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 3 september 2025, nummer 21-004513-23, in de strafzaak tegen [verdachte], geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1976, hierna: de verdachte.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN STRAFKAMER Nummer 25/03284 Datum 7 juli 2026 ARREST op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 3 september 2025, nummer 21-004513-23, in de strafzaak tegen [verdachte], geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1976, hierna: de verdachte.

1Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben de advocaten M.C.J. Heinen en A. Darrazi een schriftuur ingediend. 2Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De procureur-generaal bij de Hoge Raad heeft de gelegenheid gekregen een advies uit te brengen. De Hoge Raad is tot het oordeel gekomen dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen. Hij zal daarom gebruikmaken van de mogelijkheid om het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren (zie artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie). 3Beslissing De Hoge Raad verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren F. Posthumus en R. Kuiper, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P.J. Lugtenburg, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 7 juli 2026.