Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2026:1006 ECLI:NL:HR:2026:1006 AI generated

ECLI:NL:HR:2026:1006 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2026:1006
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN STRAFKAMER Nummer 24/04008 B Datum 23 juni 2026 BESCHIKKING op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de rechtbank Midden-Nederland van 9 september 2024, nummer RK 24/014769, op een klaagschrift als bedoeld in artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering, ingediend door [klager], geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 2001, hierna: de klager.

Legislator headnote

AI generated

artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering; ECLI:NL:HR:2026:1006 · Hoge Raad: HOGE RAAD DER NEDERLANDEN STRAFKAMER Nummer 24/04008 B Datum 23 juni 2026 BESCHIKKING op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de rechtbank Midden-Nederland van 9 september 2024, nummer RK 24/014769, op een klaagschrift als bedoeld in artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering, ingediend door [klager], geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 2001, hierna: de klager.

Keywords

AI generated
artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering

Cited Legislation

AI generated
artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN STRAFKAMER Nummer 24/04008 B Datum 23 juni 2026 BESCHIKKING op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de rechtbank Midden-Nederland van 9 september 2024, nummer RK 24/014769, op een klaagschrift als bedoeld in artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering, ingediend door [klager], geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 2001, hierna: de klager.

1Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de klager. Namens deze heeft de advocaat L.C. de Lange bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De advocaat-generaal M.E. van Wees heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. 2Beoordeling van de cassatiemiddelen 2.1 De cassatiemiddelen klagen dat de rechtbank de klager, voor zover het gaat om inbeslaggenomen kledingstukken en gereedschappen, ten onrechte niet als beslagene en dus als belanghebbende in de zin van artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering heeft aangemerkt en dat de rechtbank bij haar beoordeling niet de juiste maatstaf heeft aangelegd. 2.2 De cassatiemiddelen kunnen niet tot cassatie leiden. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal onder 2.5. 3Beslissing De Hoge Raad verwerpt het beroep. Deze beschikking is gegeven door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren C. Caminada en F. Damsteegt, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 23 juni 2026.