Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2025:983 ECLI:NL:HR:2025:983 AI generated

ECLI:NL:HR:2025:983 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2025:983
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN STRAFKAMER Nummer 25/00211 U Datum 24 juni 2025 ARREST op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van de rechtbank Limburg van 1 november 2024, nummer UTL-I-2024006768, op verzoek van Zwitserland tot uitlevering van [de opgeëiste persoon], geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1997, hierna: de opgeëiste persoon.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2025:983 · Hoge Raad: De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van de rechtbank beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie). 3Beslissing De Hoge Raad verwerpt het beroep. Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren T. Kooijmans en F. Posthumus, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 24 juni 2025.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN STRAFKAMER Nummer 25/00211 U Datum 24 juni 2025 ARREST op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van de rechtbank Limburg van 1 november 2024, nummer UTL-I-2024006768, op verzoek van Zwitserland tot uitlevering van [de opgeëiste persoon], geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1997, hierna: de opgeëiste persoon.

1Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de opgeëiste persoon. Namens deze heeft de advocaat E. Kolokatsi bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De advocaat-generaal D.J.M.W. Paridaens heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De raadsvrouw van de opgeëiste persoon heeft daarop schriftelijk gereageerd.

2Beoordeling van het cassatiemiddel

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van de rechtbank beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie). 3Beslissing De Hoge Raad verwerpt het beroep. Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren T. Kooijmans en F. Posthumus, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 24 juni 2025.