Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2025:877 ECLI:NL:HR:2025:877 AI generated

ECLI:NL:HR:2025:877 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2025:877
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN BELASTINGKAMER Nummer 23/03653 Datum 6 juni 2025 ARREST in de zaak van [X] (hierna: belanghebbende), vertegenwoordigd door N.G.A. Voorbach, tegen het COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN DE GEMEENTE ZOETERMEER, vertegenwoordigd door [P], op het beroep in cassatie tegen de uitspraak van de Rechtbank Den Haag van 9 augustus 2023, nr. SGR 22/8281 V, op het verzet van belanghebbende tegen de uitspraak van de Rechtbank (nr. SGR 22/8281) betreffende het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit op de brief van belanghebbende gericht tegen een schriftelijke aansprakelijkstelling op grond van artikel 6:162 BW. 1Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van de Rechtbank beoordeeld.

Legislator headnote

AI generated

artikel 6:162 BW; ECLI:NL:HR:2025:877 · Hoge Raad: Voorbach, tegen het COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN DE GEMEENTE ZOETERMEER, vertegenwoordigd door [P], op het beroep in cassatie tegen de uitspraak van de Rechtbank Den Haag van 9 augustus 2023, nr. SGR 22/8281 V, op het verzet van belanghebbende tegen de uitspraak van de Rechtbank (nr. SGR 22/8281) betreffende het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit op de brief van belanghebbende gericht tegen een schriftelijke aansprakelijkstelling op grond van artikel 6:162 BW. 1Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van de Rechtbank beoordeeld.

Keywords

AI generated
artikel 6:162 BW

Cited Legislation

AI generated
artikel 6:162 BW
SGR 22/8281) betreffende het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit op de brief van belanghebbende gericht tegen een schriftelijke aansprakelijkstelling op grond van artikel 6:162 BW.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN BELASTINGKAMER Nummer 23/03653 Datum 6 juni 2025 ARREST in de zaak van [X] (hierna: belanghebbende), vertegenwoordigd door N.G.A. Voorbach, tegen het COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN DE GEMEENTE ZOETERMEER, vertegenwoordigd door [P], op het beroep in cassatie tegen de uitspraak van de Rechtbank Den Haag van 9 augustus 2023, nr. SGR 22/8281 V, op het verzet van belanghebbende tegen de uitspraak van de Rechtbank (nr. SGR 22/8281) betreffende het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit op de brief van belanghebbende gericht tegen een schriftelijke aansprakelijkstelling op grond van artikel 6:162 BW. 1Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van de Rechtbank beoordeeld.

De procureur-generaal bij de Hoge Raad heeft de gelegenheid gekregen een advies uit te brengen. De Hoge Raad is tot het oordeel gekomen dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen. Hij zal daarom gebruikmaken van de mogelijkheid om het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren (zie artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie). 2Proceskosten De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten. 3Beslissing De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk. Dit arrest is gewezen door de vice-president J.A.R. van Eijsden als voorzitter, en de raadsheren M.T.

Boerlage en W.A.P. van Roij, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 6 juni 2025.